APELDOORN - De Gelderse aanpak van bovenmatig alcoholgebruik door jongeren
(en de gevolgen daarvan) moet vanaf eind dit jaar de Nederlandse standaard
worden. De invoering is afhankelijk van een binnenkort te starten onderzoek
vanuit het ministerie van Justitie. In opdracht van ditzelfde ministerie
bereidt onderzoeker Rob Bovens van het Trimbos-instituut de landelijke
uitrol voor.
Zie ook:
Het gaat om het project Boete of Kanskaart, dat in 2005 is geïntroduceerd.
Dat gebeurde in de Achterhoek, waar alles er op duidde dat de jeugd daar
veel meer alcohol nuttigde dan elders in het land. Inmiddels zijn die
cijfers in belangrijke mate achterhaald, maar het leidde wel tot een
bijzonder project dat op diverse plaatsen navolging heeft gekregen.
Boete of Kanskaart is een mix tussen preventie en repressie, dus tussen
voorkomen en aanpakken. De kern is dat alle jongeren die als gevolg van
alcoholgebruik delicten plegen worden geregistreerd. Wie voor het eerst de
fout in gaat en het niet te bont heeft gemaakt, krijgt een boete.
Gebeurt het weer, dan wacht een leerstraf. De jongere moet dan verplicht op
training om er doordrongen van te raken waarmee hij bezig is. Wat de gevaren
en gevolgen van alcohol zijn. Wat ze anderen (schade aan eigendommen) maar
ook zichzelf (schade voor gezondheid) aandoen.
Het project blijkt
enorm succesvol. Het aantal jonge drinkers (12 tot en met 14 jaar) daalt.
Van de veertig jongeren die jaarlijks verplicht op training moeten, is tot
dusver nagenoeg niemand opnieuw in de fout gegaan met alcohol. Meestal zijn
het overigens allemaal jongens. Dat wil volgens Doke Tempels van
regiopolitie Noord- en Oost-Gelderland niet zeggen dat meisjes minder
drinken dan jongens, maar ze vertonen minder 'haantjesgedrag'.
De
kracht van het project zit volgens alle betrokken partijen, waaronder
gemeenten, GGD, bureau Halt, politie, openbaar ministerie en IrisZorg, in
het feit dat de ouders van begin tot eind betrokken worden. Daardoor krijgt
de jongere in kwestie minder kans er mee weg te komen.
Jongeren die
zich schuldig maken aan ernstige delicten, waarbij mensen gewond raken of de
schade heel groot is, komen niet in aanmerking voor een leerstraf. Zij
moeten zich in de rechtbank verantwoorden voor hun daden.















