Asbest is overal. In de lucht (vezels), in de wegen (verharding), in huizen onder de grond (water- en rioolbuizen). Zeker 1,5 miljoen ton asbest is tussen 1920 en 1990 in Nederland binnengekomen.
Daarvan is naar schatting nog 700.000 ton achtergebleven, verwerkt in (bouw)materialen, zoals bloembakken, dakplaten, binnenmuren, luchtkanalen, leidingen en afscheidingen. En al die kilo's vormen een potentieel gevaar voor de volksgezondheid. Vaak weten bewoners van huizen niet eens dat ze asbest in huis hebben, terwijl ze wel de gevaarlijkse asbeststof kunnen inademen als ze er in gaan boren of aan gaan schuren. Jarenlang is het gevaar van asbest gebagatelliseerd. Nieuwe onderzoeken maken eens te meer duidelijk hoe onterecht dat is. Jaarlijks vallen volgens de Gezondheidsraad minimaal 1400 doden als gevolg van blootstelling aan asbest en dat worden er nog meer. Dat treft mensen die met asbest hebben gewerkt, zoals automonteurs en medewerkers van asbestfabrieken zoals Eternit in Goor en Asbestona in Harderwijk. Maar ook mensen die aan met asbest verharde buitenwegen woonden of huisgenoten van arbeiders die met stof uit de fabriek op hun kleding naar huis gingen zijn doodziek geworden. Asbest is inmiddels de voornaamste oorzaak van beroepsziekten en op tabak na de meest dodelijk kankerverwekkende stof.
Niet beschikbaar!














U kon tot 22-07-2010 reageren op dit artikel.