Onderling overleg tijdens een reces in het debat grondzaken, donderdagavond 2 februari. Foto Cees Baars
ANALYSE - De goede voornemens zijn er alweer volop, na het fiasco van het Apeldoorns grondbedrijf. De cultuur in het stadhuis moet veranderen, zo klinkt het. Komt dat bekend voor? Kan kloppen, dat was ook de boodschap na de Reesink-affaire, zes jaar geleden.
Zie ook:
En sinds donderdag moet niet uitgesloten worden dat politiek Apeldoorn over een paar jaar weer wonden likt en schaamte uitspreekt in een nieuwe kwestie.
Tien maanden deden vijf raadsleden uitvoerig onderzoek naar de achtergronden van 115 tot 200 miljoen euro verlies op niet-gerealiseerde woningbouw en bedrijventerrein. Twee weken geleden kwam de uitkomst van dat onderzoek op tafel: een rapport dat de vinger legt bij miskleunen en harde fouten in de afgelopen jaren.
Donderdagavond moest de politiek bespreken welke lessen daar uit te trekken zijn, en of er politieke koppen moeten rollen. Gemeenteraad en burgemeester en wethouders hielden zich vooral met dat laatste bezig. En kozen ervoor de conclusies daar zoveel mogelijk naar te plooien. De inhoud van het rapport, dat toch heel veel verbeteringen zou kunnen opleveren voor de ambtelijke en politieke werkwijze, was bijzaak. Details werden uitgelicht, de grote lijnen genegeerd.
Wie vooroordelen over de politiek heeft, kon die donderdag bevestigd krijgen in de Apeldoornse raadzaal. Woordspelletjes op een abstract niveau waar een buitenstaander geen touw aan vast kan knopen, gedraai om komma's en punten om gezichtsverlies te voorkomen, achterkamertjesoverleg - het kwam ruim aan bod. Het was een schoffering van de burger. Van de wethouders was het al niet chic dat ze vooral de aanval kozen en weinig tijd namen om fouten te erkennen en verantwoording af te leggen. Maar het zijn vooral de grote partijen die de hele raad hebben gediskwalificeerd. Met het optuigen van een eigen enquêtecommissie, die tien maanden en 230.000 euro mocht investeren, heeft de raad - terecht - zwaar op deze kwestie ingezet. Maar dat werd donderdagavond voor een groot deel weggepoetst doordat de raad de scherpe randjes van het rapport - opgesteld door hun eigen collega's - probeerde te slijpen. Dat vooral, zo heeft het de schijn, om partijpolitieke redenen: behoud van eigen wethouders.
Zolang de politiek op cruciale momenten zo gefocust blijft op haar eigen wereldje, dreigt het belang van stad en dorpen op het tweede plan te komen. Dat maakt alle uitgesproken verbijstering over het huidige rapport, en alle beloftes voor verbetering, een stuk minder geloofwaardig. En dat stemt niet hoopvol voor de toekomst.
Lees ook


Sorteer reacties














