APELDOORN - Apeldoornse vrijwilligers gaan inburgeraars helpen Nederlands te leren.
Dat is althans de bedoeling van de gemeente. Het idee is dat je taal vooral in de praktijk leert. De doelstelling:in de komende drie jaar tweehonderd 'taalkoppels' samenstellen.Het werven van zogeheten taalcoaches is een project van Ella Vogelaar, minister voor Wonen, Wijken en Integratie. Ze stelt 11 miljoen euro beschikbaar (tot 2011) voor het werven van 11.000 taalkoppels. Van de 50 grootste gemeenten hebben 47 aangegeven eraan te willen meewerken. Daaronder is dus Apeldoorn.
De gemeente gaat in samenspraak met Vluchtelingenwerk Midden-Gelderland taalkoppels samenstellen. Hoe dat precies gaat gebeuren, kan wethouder Paul Blokhuis nog niet vertellen. "Het project staat nog erg in de kinderschoenen. Het idee is door ons enthousiast onthaald. Op heel korte termijn willen we nadere afspraken maken."
Volgens een schatting wonen er ongeveer tweeduizend mensen in Apeldoorn die nog moeten inburgeren. Het is de taak van de gemeente daarvoor te zorgen. "Er ligt nog een behoorlijk stuwmeer op ons te wachten", erkent Blokhuis. Het samenstellen van taalkoppels vormt volgens de wethouder een aanvulling op het bestaande beleid, dat uitgaat van lessen door gediplomeerde docenten. "Je ziet mensen die problemen houden met de Nederlandse taal, zelfs als ze een cursus hebben gevolgd. Nederlands spreken in de praktijk zet meer zoden aan de dijk dan theoretische oefeningen."
Volgens Blokhuis draait het in het project om meer dan taal alleen. "We willen daar verder in gaan, sociale en culturele contacten op deze manier stimuleren. Door bij elkaar koffie of Egyptische thee te drinken leren mensen elkaars culturele achtergrond beter kennen."
Iedere stad heeft van het ministerie een doelstelling gekregen. Apeldoorn zou tweehonderd koppels moeten werven. "Natte vingerwerk", stelt Blokhuis. Het aantal van tweehonderd is evenveel als bijvoorbeeld Nijmegen en Amersfoort, maar een stuk minder dan Arnhem en Deventer (beide 450).

















