Bij de aanslag op Koninginnedag kwamen vorig jaar zeven toeschouwers om het leven. Een van hen was de 55-jarige José van den Berg uit Apeldoorn. Haar man Jan van den Berg raakte gewond. Voor de site van de Stentor schreef Jan dit persoonlijke relaas.
Op vrijdag 30 april a.s. is het exact een jaar geleden dat ik mijn lieve vrouw, Jose, verloor en Jojanne en Rob hun moeder. Op Koninginnedag 2009 fietsten wij (José, mijn zus en ik) vol goede moed naar de kruising bij de Naald om mogelijk nog iets van het defilé mee te maken. U kent de dramatische afloop.
Toen ik op die bewuste donderdag vanuit het Ziekenhuis van Harderwijk terugkwam in Apeldoorn, had ik pas net vernomen dat Jose was overleden en moest ik mijn familie gaan inlichten. Jojanne en Rob wisten inmiddels wel dat wij bij het drama betrokken waren, maar niet dat Jose was omgekomen. Dit waren voor mij de moeilijkste momenten uit mijn leven. Ik word nog emotioneel wanneer ik daaraan denk.
Veel van de gebeurtenissen daarna zijn reeds in de media naar voren gekomen. Het was een jaar waarin ons leven volledig op zijn kop stond en er heel veel dingen zijn gebeurd. Verdrietige, maar ook heel mooie dingen.
Er waren ontzettend veel lieve vrienden en familie die ons van alles uit handen hebben genomen. We kregen honderden kaarten, brieven en mailtjes vanuit alle gelederen van de samenleving. Hartverwarmend, dat zoveel mensen ons terzijde stonden. Maar toen de afscheidsdienst in de Grote kerk, de crematie en de herdenkingsdienst in Orpheus achter de rug waren, ving het leven van alle dag weer aan.
“Pas op voor het Zwarte Gat,” waarschuwden sommige mensen mij. Wat een geluk heb ik dan gehad! Ik viel namelijk niet in een zwart gat maar beleef tot op de dag van vandaag de steun van de mensen om ons heen. Familie, vrienden en collega’s.
Enkele weken na Koninginnedag ben ik weer gaan werken en ook mijn kinderen hebben vrij snel de draad weer kunnen oppakken. Ik heb uitstekende hulp gehad van Slachtofferhulp Nederland, mijn casemanager is een geweldig klankbord voor mij geweest. Ook van de gemeente Apeldoorn heb ik positieve aandacht mogen ontvangen. Burgemeester Fred de Graaf en zijn vrouw zijn bij mij op bezoek geweest.
Maar het contact dat wij hebben gehad met hulpverleners, waaronder artsen, die Jose op wat voor manier dan ook hebben geholpen, hebben de meeste indruk op ons gemaakt.
Hele avonden hebben wij met hen gesproken. Wij wilden alles tot in detail weten en gelukkig waren zij bereid om hun verhaal met ons te delen. Er zijn zoveel deskundige mensen die Jose hebben geholpen. Ze hebben alles gedaan wat in hun vermogen lag om Jose te redden. Zoals één van hen zei: “Wij wisten niet precies hoe erg ze er aan toe was, maar wanneer ze maar een heel kleine kans had gehad, dan hadden we iets kunnen doen”. Deze uitspraak was voor ons erg waardevol. Helaas was Jose, na later bleek, op slag dood. Een schedelbasisfractuur en veel inwendige bloedingen werden haar fataal. Wij ervaren steun uit het feit dat Jose in ieder geval niet heeft geleden.
Een opmerkelijk feit is dat ik het nooit over het Koninginnedag drama heb als zijnde een aanslag. Ik heb het altijd over het ‘ongeluk’. Waarschijnlijk doe ik dat om mezelf te beschermen voor mijn emoties. Ik probeer zelf de regie te houden over mijn hart en hersenen.
Ik vraag me ook nooit af waarom het is gebeurd. Zelfs over de dader, Karst T. wil ik niet nadenken. Het feit dat er nabestaanden van andere slachtoffers de ouders van Karst T. hebben bezocht, vind ik prima. Dat moet iedereen zelf weten. Ik realiseer me dat zijn ouders er ook niets aan kunnen doen, maar persoonlijk had ik geen behoefte aan deze bijeenkomst.
Ik probeer het te blocken, omdat ik bang ben mezelf te verliezen in boosheid en verdriet. Dominee R. Visser zei tijdens de afscheidsdienst van Jose: “Het was een volstrekt zinloze daad”. Hier sluit ik me graag bij aan en daar wil ik het ook bij laten.
Veel emoties, veel gepraat, inmiddels heb ik alles weer redelijk onder controle, of toch niet...Op 26 april was Jose jarig, op 29 april zal Koningin Beatrix, ter nagedachtenis aan alle slachtoffers, een herinneringsmonument onthullen. En dan is het weer 30 april..
Ik zie hier als een berg tegenop en heb die dagen vrij genomen. Er waren collega´s die dachten dat ik met vakantie zou gaan om de aandacht te ontvluchten. Dat is voor mij absoluut geen optie, het gaat immers om een eerbetoon aan Jose. Daar wil ik bij zijn. Dat het emotioneel gaat worden dat is zeker, maar wij ervaren het ook als een waardevol moment.
Ik heb het geluk dat mijn gezin heel hecht is en dat we goed met elkaar kunnen praten. Samen verdrietig zijn, schept een diepere band. Natuurlijk heeft iedereen zijn eigen manier van rouwverwerking maar ook zij weten dat Jose zou willen dat we samen de schouders eronder blijven zetten. We proberen voor ogen te houden wat Jose heeft achtergelaten en laten ons er niet onder krijgen. Maar het is en blijft een groot gevecht.
Soms denk ik wel eens aan mensen en mogelijke nabestaanden die dat niet, of nog niet kunnen en in het ergste geval in een depressie raken. Ik zou ze zo graag laten voelen wat ik voel. Verdrietig zijn maar wel verder gaan met je leven. . Ik voel me bevoorrecht dat ik het op deze manier beleef.
Op het bericht van het overlijden van Jose zetten wij de uitspraak: alles van waarde is weerloos. Het is een zin die is ontleend aan een gedicht van Lucebert. Wat mij betreft dekt dit nog steeds een groot deel van de lading.
Zoals Dominee R. Visser dit zo mooi verwoordde: “De waardevolle levens waren weerloos. (?) De weerloosheid van het leven werd die dag zo ontzettend gevoeld. Wij allen waren weerloos, argeloos en onbewust van het gevaar. (?) Het is een onbeschrijfelijk drama, dat je voorstellingsvermogen te boven gaat”.
Dat wij José nooit zullen vergeten zal u duidelijk zijn, maar de gedachte dat er zoveel lieve mensen zijn die met ons meeleven, helpt. Het verdriet blijft, maar het maakt het voor ons makkelijker om de draad van het leven weer op te pakken.
In de Zaterdagbijlage (24 april) van de Stentor vindt u meer interviews van betrokkenen.



Sorteer reacties












U kon tot 24-05-2010 reageren op dit artikel.