Ontluikende lente: weidevogels terug in de uiterwaarden, struiken in de knop en de voorjaarszon nodigt uit tot recreëren. foto's Ab Hakeboom/René Nijland
DEVENTER - Hoewel dichtgevroren vijvers en watergangen gisterochtend anders
deden vermoeden, wint de lente snel terrein op de winter. Stadsecoloog Erik
Lam ziet overal bewijzen voor deze stelling.
Een wandelingetje door de stad en (vooral) ommelanden is voor Lam momenteel
een ware ontdekkingstocht. Overal kondigen ontluikende planten, bloemen,
bomen en struiken het voorjaar aan. "Door de koude winter is de natuur
laat. Dat kan iedereen zien: het gras wil maar niet groen worden en de bomen
zijn nog niet uitgelopen", zegt Lam. Maar wie goed kijkt ziet links en
rechts de flora na de lange winter ontwaken. "Met name de hazelaar gaat
hard", zegt de stadsecoloog. Hij heeft het dan niet direct over de
sierlijke krulhazelaar die menigeen in de tuin heeft staan, maar over de
vele heesters in de gemeentelijke perken. "De hazelaar ontwaakt altijd
als een van de eerste".
Lam ziet eigenlijk overal de lente
opduiken. Het viel hem dit jaar wel op hoeveel voorjaarsbloeiers - krokussen
en sneeuwklokjes - er ineens te vinden zijn tussen de zerken op de oude
begraafplaats aan de Diepenveenseweg.
Het belangrijkste bewijs dat
de lente op de deur bonst ziet de ecoloog in de uiterwaarden van de IJssel,
momenteel een 'plasdrassig' gebied door het terugtrekkende hoogwater. Bij de
Bolwerksplas wijst Lam op scholeksters, die met hun karakteristieke
zwart-witte kleed en knaloranje snavel en poten op een strekdam staan. Ook
de kievit en de grutto zijn al weer gesignaleerd. Niet de eerste
terrasgangers op een zonnige Brink, maar deze weidevogels bewijzen
onomstotelijk de overwinning van het voorjaar. "Ze komen de laatste
twee, drie dagen in grote groepen aan", zo weet Lam. Normaal keren de
vogels meer verspreid terug uit het warme Zuiden. Dat de dieren, relatief
laat, in grote groepen tegelijk terugkeren heeft alles te maken met de koude
winter. "Niet dat de kieviten op de overwinterplek wisten dat het in
Nederland erg koud was, maar onderweg werden ze met name in Zuid-Frankrijk
en de Ardennen nog geconfronteerd met koud winterweer. Daar zijn ze langer
blijven hangen, maar ze keren nu alsnog in grote groepen terug."


















U kon tot 10-04-2010 reageren op dit artikel.