De vier houtkunstenaars die momenteel exposeren in het Vaassense museum. Van links naar rechts Anton Beekman, Gertie Smallegoor, Henny van Bussel en Henk van 't Erve. foto Hans van de Vlekkert
In het museum boven de C1000 aan de Dorpsstraat praat Beekman graag over het door hem gedraaide schip. Hij hoort slecht, maar aan zijn stem mankeert weinig. "Daar zit uren, dagen, weken, misschien wel maanden werk in. Maar het is toch wat geworden", zegt Beekman, terwijl hij de andere heren vol trots de binnenkant van het schip laat zien. "Zie je die bedden en die bankjes? Heel klein van formaat, maar ze zitten er wel in." De andere hobbyïsten hebben er veel bewondering voor. Het gaat ook bij hen vaak om het detail. "We hebben allemaal andere specialiteiten", geeft Van Bussel aan. "Beekman is zowel goed in het houtsnijden als in het -draaien, Smallegoor focust zich meer op het houtsnijden en Van 't Erve en ik moeten het geheel hebben van het houtdraaien. Hoe dan ook: om dit te kunnen is het een vereiste om handig te zijn met beitels."
De houtliefhebbers werken veelal thuis, lekker warm in de schuur met een lekker muziekje op de achtergrond. Van 't Erve: "Dat is echt heerlijk. In mijn schuur kan ik goed mijn gereedschap kwijt en mijn speciale houtdraaibank. Maar we hebben ook het geluk dat er veel hout is op de Veluwe. Verder kan ik er relaxt werken. Als ik even geen zin heb in het gepruts met hout, stop ik er weer even mee."
De mannen praten er graag over, maar hun handen zijn gedurende deze winter niet vaak in beweging. Van Bussel: "Nee, het is nu te koud om in de schuur te werken. Als ik aan de slag ga, moet de temperatuur zo rond de vijftien graden zijn. Ook niet te warm hoor, want dan is het zonde om je op te sluiten. Dan geniet ik liever van de zon. Van het voorjaar worden we vanzelf weer actiever."
De kunstwerken zijn zeer verschillend. Van een houten uil op schaal tot een houten klomp van meer dan een meter lang.
"Mooi he?", zegt Beekman. "Ik was een keer bij een klompenboer in Oene. Hij had er een klomp staan van negentig centimeter lang. Ik wilde hem graag groter en besloot er zelf maar één te maken. Eigenlijk moest die klompenboer eens een kijkje komen nemen. Hij vindt het vast prachtig."
Van 't Erve wil graag zijn houten petroleumstel laten zien. "Dat heb ik in 2008 gemaakt. Het bestaat uit meer dan dertig onderdelen. Dat is veel. Het plaatje klopt dan ook gewoon." De kunstenaar heeft al een aantal keren de kans gehad het petroleumstel te verkopen, maar daar moet hij niets van weten.
"Dat ding is mij heel veel waard. Daar kan geen geld tegenop. Als iemand hier een kijkje komt nemen, mag hij of zij er uren naar kijken, maar in mei staat hij weer bij mij in de huiskamer." En is zijn vrouw ook weer tevreden.
















U kon tot 08-03-2012 reageren op dit artikel.