Meer voeling met wat er leeft in Epe

  woensdag 21 december 2011 | 07:00 | Laatst bijgewerkt op: woensdag 21 december 2011 | 08:28

Tekstgrootte tekst verkleinentekst vergroten
Archieffoto de Stentor

Archieffoto de Stentor

EPE - Wat is er voor nodig om mee te blijven doen in de samenleving? Die vraag komt centraler te staan bij de uitvoering van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning.

Aangepast vervoer valt eronder, rolstoelen, scootmobiels, maar ook huishoudelijke hulp, zorg voor dak- en thuislozen, hulp aan ouders met problemen bij de opvoeding van hun kinderen en de resocialisatie van ex-psychiatrische patiënten.

De in 2007 ingevoerde Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO), die wordt uitgevoerd door de gemeenten, bestrijkt kortom een breed en gevarieerd terrein.

Een terrein dat nog steeds aan het uitdijen is. Met ingang van 2013 komt bijvoorbeeld de extramurale begeleiding op het bordje van de gemeente te liggen, zeg maar de begeleiding (zoals dagopvang voor ouderen en activiteitenbegeleiding) van mensen die het net niet alleen redden.

En in 2014 wordt de hele jeugdzorg overgeheveld van de provincies naar de gemeenten. "Daar moet allemaal beleid op gemaakt worden", stelt Marjolijn Haasbroek vast, secretaris van de WMO-adviesraad gemeente Epe. Ook de onafhankelijke adviesraad, die B en W gevraagd en ongevraagd adviezen geeft in dat beleid, krijgt het daardoor drukker.

En dat terwijl er, wat de WMO betreft, ook sprake is van een omslag die wordt gemaakt van aanbodgericht naar vraaggestuurd. Dat geldt voor de gemeente, maar ook voor hulpverleners. Roulerend voorzitter Hans Visser van de WMO-adviesraad verduidelijkt: iemand meldt zich bij het speciale WMO-loket van de gemeente met het verzoek om een scootmobiel. Tot nu toe is het zo dat een scootmobiel uit het magazijn wordt gehaald. In de nieuwe situatie wordt geprobeerd te zoeken naar 'de vraag achter de vraag', zoals Visser het verwoordt. Dan kan eruit komen dat niet de mobiliteit maar de eenzaamheid het probleem is. "Het vergt een andere manier van denken", zegt hij.

In de praktijk betekent het dat straks zogeheten keukentafelgesprekken worden gevoerd. Ambtenaren van de gemeente of hulpverleners bezoeken mensen met een hulpvraag thuis. Haasbroek: "Iedereen die ook maar iets te maken heeft met maatschappelijk werk weet dat je een veel betere indruk krijgt als je mensen thuis bezoekt. Als je stapels papieren ziet en een onopgemaakt bed kun je je afvragen of zo iemand z'n leven nog onder controle heeft en kun je de hulp daar op afstemmen."

Daarmee wordt recht gedaan aan de vraag die als een rode draad door de hele WMO loopt: wat is er voor nodig om mee te blijven doen in de samenleving, ongeacht of je doof bent, gehandicapt, jong of oud.

Ook de WMO-adviesraad zelf gaat vanaf volgend jaar met deze leidraad proberen om zijn adviezen meer fundament en diepgang te geven door te gaan werken met klankbordgroepen.

Visser: "We willen in gesprek gaan met maatschappelijke organisaties, cliëntenraden en individuele burgers voordat we burgemeester en wethouders gaan adviseren."

Een voorbeeld: voordat de gemeente de regiotaxi gaat aanbesteden hoort de WMO-raad mensen en organisaties die er ervaring mee hebben om te komen tot een doortimmerd advies.

De bedoeling is voor allerlei sectoren van de WMO dergelijke klankbordgroepen te vormen, zoals jeugd, ouderen, mensen met een beperking en mensen met een psychiatrische problematiek.

Marjolijn Haasbroek: "Tot nu toe hebben we bijeenkomsten georganiseerd. In de praktijk bleek dat er te weinig respons was."


U kon tot 20-01-2012 reageren op dit artikel.


Nu op de homepage

Klik hier voor meer....

Discussie

Wildraster?

Moet Epe een zwijnenkerend wildraster aanleggen?

Zoek met Google op deze site