In een uitspraak van 2009, die vorig jaar nog eens werd bevestigd, stelt de Raad van State dat er al die jaren wel degelijk sprake was van handhaving. Dat de Raad van State zich hierover heeft uitgesproken komt omdat permanente bewoners van recreatiewoningen in rechtszaken de beperkte aanpak soms opvoerden als 'bijzondere omstandigheden' op grond waarvan ze in aanmerking dachten te komen voor een ontheffing.
Het ging daarbij om mensen die door de gemeente te verstaan waren gegeven dat ze hun recreatiewoning moesten verlaten en zich daartegen verweerden.
Tal van andere opgevoerde 'bijzondere omstandigheden' waren voor de rechters evenmin reden om bewoners in het gelijk te stellen. Zo is de leeftijd van de bewoners of hun gezondheidstoestand geen reden bewoning toe te staan, evenals het niet kunnen verkopen van de recreatiewoning en het feit dat de sommige bewoners pas na jaren een aanschrijving van de gemeente hebben gehad.
Ook het feit dat bewoners zich in het verleden zonder problemen op het adres van hun recreatiewoning konden inschrijven in de gemeentelijke basisadministratie (GBA) speelt volgens de rechters geen rol. Er zijn daarmee geen valse verwachtingen gewekt. Wethouder René de Vries wijst erop dat de gemeente wettelijk verplicht is om bewoners in te schrijven in de GBA. Sinds vorig jaar gaat de gemeente er overigens anders mee om. Wie zich wil inschrijven op het adres van een recreatiewoning krijgt meteen een gesprek met een medewerker van Handhaving. Deze vertelt dat permanente bewoning niet is toegestaan en tevens wat de handhavingsprocedure inhoudt. Bovendien wordt informatie meegegeven. Volgens De Vries werkt deze werkwijze goed, omdat mensen meteen weten waar ze aan toe zijn. Het aantal inschrijvingen op het adres van een recreatiewoning is dan ook gedaald.


Sorteer reacties













