De rechterlijke macht heeft in de toekomst meer geld nodig om kwalitatief goede uitspraken te kunnen doen. Dat stelt de Raad voor de Rechtspraak woensdag in haar jaarverslag over 2005. ANP Photo
EPE - Inschrijving in de Gemeentelijke Basis Administratie (GBA) is van doorslaggevende betekenis in een zaak tussen het college van B en W van de gemeente Epe en de eigenaresse van een recreatiewoning aan de Sprengen in Epe.
Het college stapte naar de Raad van State in Den Haag nadat de bestuursrechter in Zutphen had bepaald dat alleen een inschrijving in de GBA te mager is om de eigenaresse van de recreatiewoning een dwangsom op te leggen van vijfduizend euro per vier weken met een maximum van vijftigduizend euro. De vrouw trachtte het vermoeden van het college, dat zij de woning permanent bewoonde, te ontkrachten door aan te tonen dat zij in 2009 gedurende zes maanden in Canada verbleef.
Dit betekent volgens de Raad van State echter niet, dat zij de recreatiewoning niet als hoofdverblijf had. Mede omdat zij niet beschikte over andere woonruimte en zij in een brief aan de gemeente de hoogte van het stroom- en gasverbruik in 2009 verklaarde door te stellen dat zij gedurende vier wintermaanden in de recreatiewoning verbleef, kon het college in dit geval doorslaggevende betekenis toekennen aan de inschrijving in de GBA. Onder deze omstandigheden heeft het college voldoende aannemelijk gemaakt dat de recreatiewoning haar hoofdverblijf was. De Raad van State verklaarde het hoger beroep van het college gegrond.


Sorteer reacties













