EPE - Er heerst grote paniek onder imkers, de bijen hebben een rampzalige winter doorgemaakt. Driekwart van de volken is dood als gevolg van ziekten. De Belgische professor Frans Jacobs van de universiteit van Gent en vermaard bijendeskundige, luidde vorige week de noodklok.
De grote boosdoener is de oprukkende varroa destructor mijt. Maar in
Nederland lijkt het allemaal wel mee te vallen.
Imker Wilfred Muis
(55) uit Epe is in ieder geval helemaal niet in paniek. Het lijkt erop dat
zijn twintig bijenvolken de winter hebben overleefd. Met de een gaat het
wellicht beter dan de ander, maar dat is normaal.
Aan de
Dijkhuizerweg, net buiten het dorp, runt Muis Imkerij 't Haagje. "Ik
houd al vanaf mijn 13e bijen", vertelt hij. "Ik heb het nieuws
gelezen ja, maar elk jaar speelt dit weer. De varroamijt is sinds 1983 in
Nederland. Als je je bijen niet in goede conditie houdt, maakt de mijt ze zo
zwak dat virussen hun kans grijpen. Het is een parasiet. De mijt zuigt
namelijk voedingsstoffen uit de bij." Ook legt de mijt haar eitjes in
de raatcellen bij het 'broed'. De larve van de mijt leeft ten koste van de
bijenlarve. De bij komt dan vaak mismaakt ter wereld.
Die mijt is
er nu eenmaal. Maar er is wel wat tegen te doen. "Je kunt de mijt voor
90 tot 95 procent weg krijgen, daarbij moet je ervoor zorgen dat je bijen in
goede conditie zijn, zodat virussen weinig kans hebben."
Als
de temperatuur buiten boven de 6 à 8 graden Celsius stijgt, vliegen de bijen
uit. Daarna kan de imker zien hoe het met zijn bijen gesteld is. Buiten
schuift Muis een bodemla onder een bijenkast vandaan. "Aan de sporen op
deze la kan ik zien hoe het met het volk gaat. Er ligt aardig wat stuifmeel
van het afgelopen weekend. Ze zitten voorin de kast, dus er zit nog genoeg
voedsel in de raad."
De winterperiode is de meest kwetsbare
voor de bij, ze moeten dan zes maanden overbruggen. Voor en tijdens het
najaar, als de bijen niet veel honing meer maken, bestrijdt Muis de mijt met
een oxaalzuur. Ook moeten de bijen voor de winter goed worden bijgevoerd met
suikerwater.
"Drie jaar geleden had ik na de winter zelf nog
maar negen van de tweeëntwintig volken over", vertelt de imker. "
Je moet echt scherp blijven."
Een bijenhouder uit het Brabantse
Overloon constateerde bij het uitvliegen dat zijn zestigduizend bijen op
mysterieuze wijze waren verdwenen. Hij heeft geen idee waar ze gebleven
zijn. Van massale sterfte was geen sprake, want dode dieren trof hij niet
aan.
Naar de toedracht kan hij alleen maar gissen. Ook Muis weet
niet precies wat er gebeurd kan zijn. Maar bijen gaan in principe niet in de
kast dood. "Daar zijn ze te netjes voor", zegt Muis.
's
Winters bij lage temperatuur is er geen uitvliegen van de bijen, dus ook
geen ontlasting van de endeldarm. "Want bijen zijn schoon en ontlasten
niet in de kast." De afvalstoffen hopen zich op in de endeldarm, die
rekbaar is. Dat houden ze ongeveer drie à vier maanden vol. Maar als de
zogenaamde reinigingsvlucht te lang uitblijft, krijgen de bijen last van
'roer'. "Dan houden ze het niet meer en laten ze de ontlasting lopen in
de kast. Ook niet bevorderlijk voor de weerstand van de bijen."
Of de varroamijt ooit kan worden uitgeroeid? "Ik weet wel dat er mensen
mee bezig zijn. Door bijvoorbeeld bijen te selecteren die geen last hebben
van de aanwezigheid van de parasiet", aldus Muis.
Bijen zullen
in ieder geval niet zo snel verdwijnen, het zijn eerder de imkers die met
uitsterven worden bedreigd. "Jongelui hebben te weinig interesse."

















U kon tot 20-03-2008 reageren op dit artikel.