Eigenlijk weet iedereen die wel eens een poetslap hanteert het wel. Je maakt de keuken niet schoon met hetzelfde doekje als waarmee je het toilet doet.
Zie ook:
In die keuken doe je niet eerst de vloer en dan pas het aanrecht. En natuurlijk was je regelmatig je handen, zeker na toiletgebruik.
Voor veel mensen is het op een hygiënische manier schoonhouden van hun omgeving geen probleem, ze weten dat in stof en vuil bacteriën, schimmels en ziektekiemen kunnen voorkomen, ook al kun je die met het blote oog niet zien. Voor mensen met een verstandelijke beperking is het hoe en waarom van hygiënisch huishouden niet altijd vanzelfsprekend, domweg omdat ze het niet kunnen bevatten. Of gewoon vergeten.
Erika Nijhof uit Oene ontwikkelde daarom de methode 'Hygiënisch wonen voor mensen met een verstandelijke beperking'. Zij heeft sinds 2006 een bedrijf als 'professional organizer', Start2Organize, en helpt van daaruit mensen bij het opruimen en organiseren van hun werk en omgeving. Op verzoek van iemand die werkt met mensen met een verstandelijke beperking ontwikkelde ze een nieuwe methode en schreef ze een boekje over hygiëne in de woning. "Want vaak doen ze hun hele huis met hetzelfde doekje en één emmer."
Erika verdeelt de woning hierbij in vier verschillende zones en gebruikt voor elke zone een andere kleur: rood, blauw, geel of groen. Bij elke zone horen emmers en doeken in de bijpassende kleur: een rode emmer en rode schoonmaakdoekjes voor de badkamer en het toilet, blauw voor de keuken, geel voor de woonkamer, de slaapkamers en de hal en groen voor buiten en alles waar het smerig kan zijn, zoals de kelder. Rood, geel en groen mogen niet in de keuken komen, teneinde te voorkomen dat vuil van andere plaatsen daar wordt verspreid. Kruisbesmetting voorkomen, heet dat. En om diezelfde reden mag blauw niet op andere plaatsen dan de keuken worden gebruikt.
Bij het boekje horen kleurige stickers met pictogrammen die in de verschillende zones op deur of muur kunnen worden geplakt. De (eenvoudig geschreven) teksten in het boekje zijn in corresponderende kleuren. Het boekje is voor de cliënten zelf, maar voor begeleiders is een handleiding verkrijgbaar met aanvullende informatie en tips. Zodat deze bij een bezoekje aan hun cliënt meteen kunnen zien dat er iets niet goed gaat als in de keuken een rood doekje wordt gebruikt.
Nijhof voorziet de cliënten van eenvoudige tips, zoals: "Dingen die je morst bij eten of drinken moet je meteen opruimen, anders komen er vieze beestjes op af. Van alles wat niet schoon is kun je ziek worden. Om gezond te blijven moet je dus je huis en jezelf schoon houden." Ook heeft ze tips voor de begeleiders van de doelgroep, die gebruik kunnen maken van de illustraties in het boekje. Zoals: ,,In het boek vind je twee illustraties van een woonkamer. Een bevuilde en onveilige woonkamer en een opgeruimde, dus veilige woonkamer die snel schoon te maken is. Maak dit bespreekbaar."
Wat voor spullen er te koop zijn om mee schoon te maken, dat weten de meeste cliënten wel, zegt ze. "Punt is alleen dat de juiste spullen moeten worden gebruikt. Het is vooral het dóen." Toezicht van begeleiders is en blijft wel belangrijk, aldus Erika. "Ik sprak laatst een vrouw die zei: 'Waarom zou ik schoonmaken, hier komt toch nooit iemand'. Heel triest, natuurlijk."

















U kon tot 12-08-2010 reageren op dit artikel.