Het dak van de Kamper Bovenkerk is tijdens de drie jaar durende restauratie onder meer voorzien van vijfenvijftigduizend leistenen. En van vier vergulde windvanen, die met een hoogwerker werden geplaatst. foto Freddy Schinkel
Met het plaatsen van het vergulde kruis, een bol en vlaggetje er bovenop, werd de restauratie die de afgelopen drie jaar plaatshad officieel afgesloten. Projectleider en, tot januari dit jaar, kerkrentmeester Wim van 't Veen is 'wel een beetje trots' op deze mijlpaal. Het bleek achteraf een race tegen de klok, vertelt hij, want sinds vorig jaar zijn - door gewijzigd landelijk beleid - restauratieprojecten als deze bijna niet meer uit te voeren. "Wij waren er nog net op tijd bij."
De diefstal van een van de windvanen, vermoedelijk via de steigers, net na de kerstdagen was een flinke domper. "Daarvoor waren we niet verzekerd dus we moesten een nieuw exemplaar van zo'n 2500 euro aanschaffen."
De restauratie van de kerk begon binnenin, met het herstel van de voet van de preekstoel. Ook de vloer werd aangepakt, net als de talloze spijlen in de tufstenen ballustrade van de kooromloop. Delen daarvan waren gaan roesten en zijn vervangen door roestvrij staal. "Een enorm tijdrovend karwei", weet Van 't Veen. Daarna was het leien dak van het middenschip aan de beurt. Daarvoor ging de Bovenkerk vele maanden lang schuil achter een groot oranje zeil, dat van ver in de omtrek te zien was.
En de ene leisteen is de andere niet, weet Mirjam Dappers van Bogaerts van Nuland, een van de weinige leidekkersbedrijven in ons land. Het dak was bedekt met Thurlinger leistenen, vertelt ze. "Maar die zijn er niet meer. Dus moesten we op zoek naar een alternatief." Dat werd gevonden in Duitse Moezelleien, die qua samenstelling aan alle vereisten bleken te voldoen. De dakpannen zijn gelegd in 'Rijnse dekking'; ze vormen als het ware laag van schubben die water en wind tegenhouden. Er zijn bovendien 'linkse' en 'rechtse' leien, die afhankelijk van de windrichting worden geplaatst. Het Kamper bouwbedrijf Wensink en Prins nam dit specialistenklusje voor zijn rekening.
De kerkklus is overigens nog niet helemaal geklaard. "Er moet onder meer nog wat voegwerk gebeuren", aldus Van 't Veen.
De steigers aan de voorkant van de kerk blijven dus nog even staan, tot maart.
In totaal kostte de restauratie van de Bovenkerk ruim een miljoen euro. De kerk heeft zelf 163.000 euro bijgedragen, de rest van het geld is via subsidies en fonsen binnengehaald. En het volgende project staat alweer op stapel: een grondige verbouwing van de consistorie. "De plannen zijn er al, maar dat gaan we pas uitvoeren als er geld voor is."


















U kon tot 17-02-2012 reageren op dit artikel.