Sinds zaterdag kan er snoeihout gebracht worden voor het paasvuur van Dijkhoek.Wim Nieuwenhuis en Emiel Nijbroek wachten de groenbrengers op. Koud? "Nou, we hebben gisteravond tot heel laat vergaderd. In de kroeg. Ja, vergaderen is héél belangrijk voor een goed paasvuur", knipoogt Nieuwenhuis. "We zijn dus wel blij dat we de hele dag in de frisse lucht mogen staan".
Een stevige basis voor het paasvuur ligt er al. De gemeente Berkelland heeft een flink deel van de opbrengst van de kerstbomen-inzamelactie gedoneerd. Daar bovenop worden straks vele lagen takken en ander snoeiafval gestapeld.
"De meeste paosbaokes worden zomaar een beetje op elkaar gegooid", weet Emiel Nijbroek. Maar die van Dijkhoek dus niet. Daar zit vele jaren ervaring achter. Henk Menger is de nestor: van hem leert de jongere garde hoe je een baoke bouwt die een nacht lang brandt.
Dat begint bij een middenpaal. Die mogen de Dijkhoekers elk jaar uitzoeken bij een bevriende boer. Een mooie, rechte naaldboom van zo'n zestien meter hoog is geschikt. Alle zijtakken gaan eraf en bovenin worden bouwlampen gehangen, want er wordt ook in het donker aan de baoke gewerkt.
Rondom de middenpaal, die een meter in de grond wordt gegraven, wordt een cirkel uitgezet. De onderste laag bestaat uit oude kerstbomen. Daarbovenop komen takkenbossen die volgens een vast patroon worden gestapeld. Daartussen komen ook nog een paar stookgaten, gemaakt van pallets die in driehoeksvorm aan elkaar worden gebonden. Zo kan de paosbaoke in het hart worden aangestoken, in plaats van aan de buitenkant, wat een veel mooier en sneller vuur geeft.
Als de stapel vier meter hoog is wordt er een transportband neergezet, die de takken naar de top van de baoke brengt. Uiteindelijk resulteert dat in een stap van minimaal tien meter hoog: zo hoog als een huis dus. En zo compact dat hij vele uren blijft branden.



















U kon tot 13-03-2012 reageren op dit artikel.