Zie ook:
Als gevolg van de klimaatverandering is het aantal teken in ons land de laatste jaren sterk toegenomen en daarmee ook het aantal met Borrelia besmette exemplaren. Ongeveer een op de vijf teken is drager van deze gevaarlijke bacterie, zo bleek vorig jaar uit onderzoek van het RIVM. Echter, dit percentage verschilt van plaats tot plaats en op sommige plekken is zelfs de helft van alle teken besmet.
Een enkele beet van het amper 1,5 mm grote diertje volstaat om de ziekteverwekkende bacterie op de mens over te brengen. Meestal gebeurt dit in het voorjaar en de zomer, wanneer de bomen en struiken volop in blad zitten. Teken houden zich namelijk schuil op en onder de bladeren en in het gras en loeren van daar op alles wat leeft. Verschijnt er een potentieel slachtoffer dan laat de teek zich daarop vallen en bijt zich vast in diens huid.
Doorgaans doen ze zich tegoed aan het bloed van in het wild levende dieren, zoals reeën, vossen en konijnen, maar ook mensenbloed wordt niet versmaad. Naarmate de temperaturen stijgen en de kleding schaarser wordt, neemt de kans op een tekenbeet toe. En daarvoor hoef je niet eens het bos of het vrije veld in, teken zitten namelijk overal: ook in de tuin, op sportvelden en in het recreatiepark. Wie met Borrelia wordt geïnfecteerd, loopt het risico de Lyme-ziekte te krijgen. Deze multisysteemziekte, die medio jaren zeventig voor het eerst werd vastgesteld in het stadje Old Lyme in Connecticut, kan allerlei lichaamsfuncties en organen aantasten, zoals het centrale zenuwstelsel, het hart, de gewrichten en de huid. De verschijnselen zijn niet eenduidig, maar verschillen per patiënt, zowel qua verschijningsvorm als qua ernst, en komen soms pas jaren later tot uiting, waardoor er geen verband meer wordt gelegd met de oorspronkelijke tekenbeet.
Vaststellen of je bent geïnfecteerd is niet eenvoudig. De beet van de minuscule teek is meestal pijnloos en het diertje laat in veel gevallen al weer los voordat het is opgemerkt. Slechts in de helft van de gevallen kan de infectie in de eerste drie maanden na de beet worden geconstateerd. Op de plaats waar de teek bloed heeft opgezogen ontstaat dan op de huid een rode vlek of cirkel (erythema migrans), die zich langzaam als een kring uitbreidt. Medische behandeling met antibiotica is dan noodzakelijk. Datzelfde geldt als er na een tekenbeet griepachtige verschijnselen optreden, zoals vermoeidheid, koorts, een stijve nek, hoofd-, rug en spierpijn, misselijkheid, braken of een zere keel.
In de overige 50 procent van de gevallen treden er direct na de besmetting echter geen ziekteverschijnselen en ook geen huiduitslag op. Omdat Lyme in een voortgeschreden stadium een grote verscheidenheid aan klachten kent en omdat bloedonderzoek naar antistoffen in het lichaam niet altijd een betrouwbare uitslag oplevert, blijft het voor artsen lastig Lyme te diagnosticeren. Hoewel zij sinds 2004 volgens speciale richtlijnen van het Kwaliteitsinstituut voor de Gezondheidszorg te werk gaan bij de opsporing van de ziekte, blijken in de praktijk veel patiënten jarenlang bij specialisten te lopen, zonder dat de juiste diagnose wordt gesteld. De ziekte is dan inmiddels chronisch geworden en moeilijker te behandelen.
Om het publiek te attenderen op de gevaren van Lyme wordt tot en met 5 april de jaarlijkse Week van de Teek gehouden.
Meer info over tekenbeten en de ziekte van Lyme op www.weekvandeteek. nl


Sorteer reacties















