Gineke Eddison-Addink en haar man Keith voelen zich bijzonder thuis in Oostenrijk. foto eigen foto's
GROETENUIT - Skiën. Ze had er wel eens anderen gezellige verhalen over horen
opdissen. Maar zelf had ze nooit op de latten gestaan. Totdat vrienden van
haar overleden ouder haar voor een wintersportvakantie meenamen naar
Oostenrijk. Waar Gineke Eddison-Addink les kreeg van een Engelse skileraar,
Keith.
Het was haar eerste kennismaking met skiën. En niet alleen met deze tak van
sport. Ze leerde daar dus ook Keith kennen. Een leuke vent, vol humor, vond
ze hem. Na haar terugkeer in Nederland hield de geboren Warnsveldse contact
met hem via post en e-mail.
Min of meer door een schouderoperatie, een jaar later, kreeg Eddison-Addink de
gelegenheid Oostenrijk verder te ontdekken. Vanwege de chirurgische ingreep
kon ze zes weken niet werken in haar praktijk in Energetische Therapie en
Touch for Health. Ze was aangenaam verrast toen de vriend van haar dochter
haar aanbood haar naar Oostenrijk te brengen, om daar te revalideren. Toen
begon haar relatie met Keith pas echt.
In haar werkzaamheden voor haar praktijk was de klad gekomen. Weer terug in
Nederland moest ze de knoop doorhakken: of wegzakken in het moeras van
financiële problemen, of haar woning verkopen en een nieuw avontuur zoeken.
Haar grote liefde in Oostenrijk bood haar aan bij hem te komen wonen. En
haar kinderen wilden hun moeder haar geluk niet ontnemen.
In november 2004 pakte ze haar koffers en vertrok ze naar het Oostenrijkse
Tirol. In eerste instantie voor een half jaar. Daarna zouden ze wel zien. Ze
woont er nog steeds. Emigreren was voor haar niet zo'n grote stap als de
buitenwereld veronderstelde. "Ik ging naar de man die mij lief heeft en
die ik lief heb. Dan heb je het gevoel dat je de hele wereld aan kunt."
Met haar nieuwe avontuur in Oostenrijk sloot Eddison-Addink, die nu 55 jaar
is, een vervelende periode af. Ze is in 2001 gescheiden. Vrienden van haar
overleden ouder vingen haar op. Vier maanden woonde ze bij hen.
Geplaagd door heimwee in Oostenrijk is ze niet. Wel viel het haar in het begin
zwaar om de Duitse en Engelse taal te leren spreken. Engels had ze niet echt
op school gehad, en alle Duitse woorden die ze kende, kende ze van de
televisie. Vooral het Duits kreeg ze beter onder de knie toen ze in haar
eerste winter in Oostenrijk aan de slag ging bij de skischool Lermoos, waar
ook haar partner werkt.
Dat hij al vijfentwintig jaar in Oostenrijk woonde, maakte het voor haar
gemakkelijker om er haar draai te vinden. Haar partner kende immers al veel
mensen daar. Zelf heeft ze twee kinderen; haar man heeft uit zijn eerste
huwelijk een zoon, die het meest van de tijd bij hen woont.
Bijna lyrisch klinkt ze als ze verhaalt over waar ze woont. Het dorpje
Biberwier in Tirol, gelegen in een imposant landschap met berg en dal. "We
hebben hier een heel mooi dal met een prachtige bergketen. Aan het dal
liggen de drie plaatsen Lermoos, Ehrwald en Biberwier. Ehrwald is het
grootst, dan komt Lermoos en dan ons dorp Biberwier."
Hun huis staat in het Loisachtal. Wijds en groot is het dal. Daarbinnen ligt
een negen holes-golfbaan. "We hebben verschillende mooie watervallen.
En de bergen met hun koele meren zijn niet alleen mooi, maar ook rustgevend."
De bergen geven haar ook een gevoel van bescherming. Of afscherming van de
rest van Oostenrijk. "Het heet hier Ausserfern; dat is net als de
Achterhoek in Nederland. De rest van Tirol reageert ook zoals vroeger het
westen kon doen naar de Achterhoeker." Vanuit de hoogte dus.
Wat in Nederland er niet van was gekomen, pakte ze in Oostenrijk op: een
massage-opleiding. Intussen werkt ze als Wellness Leiterin in Hotel Post in
Lermoos. "Erg leuk werk. We werken altijd met vakantievierende mensen."
Oostenrijks grootste bron van inkomsten is het toerisme. In die sector
verdienen dan ook de meeste mensen een boterham. "De mensen werken hier
veel en hard. Zes dagen per week werken is hier heel normaal. Deeltijdwerk
zie je hier bijna niet."
De arbeidsvoorwaarden, zeker in de horeca, zijn volgens haar vrijblijvend. "Je
loon is wat je afspreekt, maar aanzienlijk lager dan in Nederland. Het
overwerk wordt niet uitbetaald. Ik heb er erg aan moeten wennen dat je alles
zelf regelt en dat niets in een cao is vastgelegd. Maar dat zelf regelen,
leer je."
Oostenrijk is ook een duur land. "Alles is hier een beetje duurder dan in
Nederland." De sociale voorzieningen als het ziekenfonds en de
pensioenopbouw zijn kostbaar. Dan vraagt ze: "Weet je wat hier ook niet
is, of weinig is? Kinderopvang. Dat doen de families allemaal zelf, of de
moeders blijven thuis. Ook verzorgingscentra heb je hier bijna niet. Ouderen
blijven thuis wonen, of ze wonen bij hun familie."
Wat ze in Oostenrijk goed geregeld vindt, is dat moeders na de geboorte van
hun kind, twee jaar thuis kunnen blijven. "Dan krijgen ze nog zeventig
procent van het laatstverdiende loon. En kinderbijslag wordt elke maand
uitbetaald."
Als ze heel lang niet in Nederland is geweest, mist ze haar kinderen en
kleinkinderen. Ze mist in Oostenrijk ook de boerenkool met runderworst. "Rookworst
kennen ze hier niet, en boerenkoolstamppot ook niet."
Bijna twee jaar geleden waren Eddison-Addink en haar partner voor een speciale
gebeurtenis in Nederland. Ze trouwden in het gemeentehuis in Zutphen, togen
daarna naar de Vordense kerk en stortten zich vervolgens in een knalfeest
bij hotel Bakker.
Een romanschrijver zou volgens haar wel een boek kunnen schrijven over haar en
haar man, die naast skileraar schilder is. "Wij zeggen altijd tegen
elkaar: twee lijntjes hebben ons samengebracht. Ons leven hier is een
sprookje."


Sorteer reacties
















U kon tot 19-08-2010 reageren op dit artikel.