De werkgroep bestrijkt een groot gebied tussen Zutphen en Borculo. Daar kunnen de kerkuilen kiezen uit 450 nestkasten. Meenink schat dat daarvan zo'n dertig procent is bezet. "Er zijn opvallend veel grote legsels bij dit jaar, gemiddeld komen we op zeker drie, misschien wel vier jongen per nest."
Een klein, niet door iedereen gewaardeerd zoogdiertje is verantwoordelijk voor de uilen-geboortegolf: de muis, meer specifiek de veldmuis. "Het is een uitzonderlijk goed muizenjaar", zegt Meenink. Hij denkt dat het te maken zal hebben met de zachte en droge winter van 2006-2007. De muizen waren er ook nog eens vroeg bij. "De kerkuilen begonnen vier é zes weken eerder dan normaal met broeden. Daardoor vliegen nu al overal jonge uilen rond, dat heb ik ook nog nooit meegemaakt." De uilen reageren puur op het muizenaanbod. "En hoe meer voedsel het mannetje aandraagt, hoe meer eieren het vrouwtje legt."
Ook de steenuil, de laatste jaren zeldzaam geworden, profiteert van de muizenovervloed, constateert Meenink. ,,Maar het effect is minder sterk doordat de steenuil naast muizen ook kevers en wormen eet." De steenuil kan eveneens kiezen uit 450 kasten. Zonder die kunstmatige nestgelegenheid zou het de uilen slechter vergaan.


















U kon tot 15-08-2007 reageren op dit artikel.