Jan Meijerink ondernam een pelgrimstocht van ruim 3000 kilometer. "Onderweg had ik tijd om na te denken. Ik heb een stap in de goede richting gezet." foto FFU Press Agency
DALFSEN - Ruim 3000 kilometer heeft Jan Meijerink in de benen. De Dalfsenaar ondernam na een moeilijke periode in zijn leven een tocht naar Santiago de Compostela. Het bord met Welkom Thuis staat nog in de tuin. Jan Meijerink is inmiddels weer terug in Dalfsen, maar zijn pelgrimstocht naar Santiago de Compostela is een schitterende herinnering. De 62-jarige Dalfsenaar zette na een moeilijke periode in zijn leven een stap in de goede richting.
Daarna volgden onder andere de Nijmeegse Vierdaagse en de Elfstedentocht. Exact drie jaar na zijn eerste vijf kilometer begon Meijerink aan zijn grootste wandeluitdaging, een voettocht naar Santiago de Compostela. Van Sint Jacobiparochie in Friesland via Santiago de Compostela naar Finisterre. "Van Waddenzee naar Atlantische Oceaan. Mensen dachten vroeger dat Finisterre het einde van de wereld was, totdat Columbus de stoute schoenen aantrok."
In maart legde hij de eerste 150 kilometer af, over het Jabikspaad van Sint Jacobiparochie naar Hasselt. In april begon de volgende etappe. Het eerste deel legde hij per fiets af. In het Franse Vezelay verwisselde hij het stalen ros voor de benenwagen. "Met die omschakeling heb ik het wel even lastig gehad."
De Dalfsenaar liep gemiddeld 35 kilometer per dag. "Ik heb hele goede weersomstandigheden gehad. Dat gaf me een heel goed gevoel. Met slecht weer was de tocht toch heel anders geweest." Tijdens het wandelen had Meijerink niet veel contact met anderen. Maar eenmaal aangekomen in een auberge of refugio kwamen de verhalen. Hij ontmoette onder anderen Zuid-Koreanen, Denen, Zweden. "Soms sliep je met 130, 140 personen op één zaal. In Frankrijk heb ik veel alleen gelopen. Het laatste stuk was het drukker. Schoolgaande jeugd kan studiepunten verdienen als ze de laatste honderd kilometer lopen, daar was het erg druk."
Zijn mooiste slaapplaats was in Manjarin. "De auberge van de Tempeliers. Er was geen water, geen toilet. Zestig, zeventig meter verderop was er een bron. Daar kon je je dan wassen. Dat was een belevenis op zich, magnifiek."
Meijerink beleefde mooie avonturen. "Ik kwam een Spanjaard tegen. Hij had in Nederland gewoond en had een brief van de belastingdienst gekregen. Hij wist niet wat hij er mee moest, dus dat heb ik hem uitgelegd. Hij dacht dat hij het moest ondertekenen en terug moest sturen, maar hij bleek een uitkering te krijgen. Met het bedrag kon hij wel leven."
Meijerink genoot. "Rond zeven uur weg. De zon schijnt. De bloemen staan in bloei, je ruikt de geuren van de bomen en planten. En je bekijkt mooie vergezichten."
Tijdens de rustmomenten zocht hij een boom op. "Als het een kersenboom was, was het extra genieten. Ik ben heel dankbaar voor de hele tocht. Ik heb er een heel positief gevoel aan overgehouden. De laatste 3,5 jaar is er veel gebeurd in mijn leven. Tijdens het lopen heb je de tijd om na te denken. Ik kon het ook fysiek aan, ik heb me heel rijk gevoeld. Ik heb zo'n krappe 3050 kilometer afgelegd. Dat zijn dingen die ik in 2007 niet had kunnen denken. Ik heb een stap in de goede richting gemaakt."


Sorteer reacties















U kon tot 22-08-2011 reageren op dit artikel.