Wim van Assen, samen met zijn vrouw Riet, voor een recent olieverfschilderij. "Als ik iets kan verkopen, raak ik in paniek."foto Sacha Wunderink
HATTEM - Toen hij drie jaar geleden een eigen tentoonstelling kreeg in het Voerman Museum Hattem, werd het te spannend voor de 81-jarige Wim van Assen.
Jan Voerman sr. is zijn grote voorbeeld. En al die aandacht maakte hem zenuwachtig. Maar het ergste vond Van Assen dat zijn werken de voormalige bakkerswoning aan de Bleek in Hattem tijdelijk moesten verlaten. "Ik ben conservatief en wil het liefst alles bij me houden." Niet voor niets raakte de kunstschilder de avond van de opening onwel. Sinds vorige week maken hangen drie van zijn werken in het Rotterdamse Museum Boijmans van Beuningen. Van Assen maakt samen met grote jongens als Rembrandt en Goya deel uit van een prentenexpositie. Voor de Hattemer is het nog onwerkelijk. "Het is mij allemaal te slim", zegt hij hoofdschuddend terwijl zijn vrouw Riet thee schenkt. "Ik heb het te danken aan die jongens. Ze zijn blijkbaar gek met mijn werk. Eerst hebben ze de expositie in het Voerman Museum geregeld en nu dit. Het is een mooie toegift." De jongens, dat zijn de broers Jan en Wietse van den Noort, respectievelijk in 1935 en 1943 geboren in Kampen en deels opgegroeid in Hattem. De Van den Noorts verzamelen al vijftig jaar kunst. Samen met de directeur van het Boijmans van Beuningen maakten zij een selectie en die is de komende maanden te zien onder de titel Verwante Verzamelingen. Driehonderd prenten en tekeningen van grote namen als Rembrandt, Goya, Kees van Dongen, Jan Voerman sr. En daarnaast Wim van Assen. Hij werkt nog dagelijks een paar uurtjes in zijn atelier. "Ik sta 's ochtends in stukken op. Vanwege hartfalen heb ik medicijnen die weer bijwerkingen hebben. Mijn linkerhand is de werkhand, die is gelukkig nog het beste." Hij toont zijn recente olieverf op groot formaat met de titel Schuiten in Giethoorn. "Het is niet af hoor", waarschuwt Van Assen. "Ik wil iedere dag iets doen want dan kan ik 's avonds beter slapen." De catalogus bij de expositie Verwante Verzamelingen ligt op tafel. Het echtpaar kon niet naar de opening in Rotterdam. "Sinds Riet een herseninfarct heeft gehad en ik met dat hart sukkel, is reizen lastig. Ik bekijk liever rustig het boek, daar staan alle werken in." In het Boijmans hangen twee linoleumsneden en een waterverf van Van Assen. "We kennen de jongens al sinds hun jeugd", vertelt de kunstenaar. "Ik ventte tot mijn veertigste met brood voor de bakkerij van mijn vader. En zo kwam ik bij de ouders van de Jan en Wietse thuis. Jan tekende zelf ook. Ik zie hem nog staan aan de IJssel met zijn schetsboek. Ze waren al vroeg geïnteresseerd in mijn werk en we deelden de fascinatie voor Voerman. Want Voerman is tot op de dag van vandaag eten en drinken voor mij." Van Assen bewondert de IJsselschilder. "Hij heeft mij het schilderen in de kop gegeven. Voerman steekt boven de wereld uit. Later was het de Gieterse schilder Piet Zwiers van wie ik veel heb geleerd." Van Assen verstopte zijn werk lang voor de buitenwereld maar de broers van den Noort hebben hem nu opnieuw voor het voetlicht gebracht. "Wim van Assen is niet alleen als persoon temperamentvol maar ook zijn werk is als een vulkaan. Zo fysiek en stevig, dikke lagen verf met veel beweging", vindt Jan van de Noort, voormalig conservator van het Haags Gemeentemuseum. De broers verhuisden al jong naar Den Haag maar het contact bleef. "Zij zijn een van de weinigen die werk van mij hebben. Als ik werk kan verkopen, raak ik in paniek", verklaart Van Assen. "Zolang ik leef, blijven de schilderijen in ons huis. Mijn kinderen moeten maar kijken wat ze ermee doen als ik dood ben. Dat hele sterven vind ik niks. Het liefst zou ik spoorloos verdwijnen."
U kon tot 23-03-2012 reageren op dit artikel.