Traumachirurg: van heldendaad geen sprake

Auteur: door Leon Bogaard |   vrijdag 27 februari 2009 | 06:37 | Laatst bijgewerkt op: vrijdag 27 februari 2009 | 08:24

Tekstgrootte tekst verkleinentekst vergroten
Trauma-arts Martin Eversdijk van het St Jansdalziekenhuis in Harderwijk was bijna als bij toeval met de traumhelikopter in de buurt van het ongeval met het vliegtuig van Turkish Airways.

Trauma-arts Martin Eversdijk van het St Jansdalziekenhuis in Harderwijk was bijna als bij toeval met de traumhelikopter in de buurt van het ongeval met het vliegtuig van Turkish Airways. "Nogmaals, het liefst zie ik dat er helemaal nooit iets gebeurt." foto Ruben Schipper

HARDERWIJK - Voor traumachirurg Martin Eversdijk zal woendag 25 februari 2009 als een memorabele dag in zijn geheugen gegrift staan. Als dienstdoende arts van de traumahelikopter was de hij nauw betrokken bij de reddingsoperatie voor de inzittenden van het neergestorte vliegtuig van Turkish Airlines nabij Schiphol, twee dagen geleden.

En hoewel hij graag zijn verhaal doet, wil hij van geen heldendaad weten. " Ik deed niets meer dan mijn werk, zoals een postbode ook zijn werk doet."

Voor Eversdijk begon de dag van de ramp eigenlijk als iedere andere dag bij het Medisch Mobiele Team (MMT). "Wanneer je dienst hebt als MMT weet je nooit wat je die dag voor je kiezen gaat krijgen. Je staat gewoon paraat en je kan dan overal ingezet worden. Op het moment van de melding over een neergestort vliegtuig hadden wij net hulp geboden bij een ongeval op de A15." Tijdens de vlucht naar de plek van het ongeluk werd de melding meerdere keren in zwaarte opgeschaald. "Dan weet je dat het ernst is." Uiteindelijk kreeg het MMTte horen dat het om een 'full blown' crash van een Boeiing 737 ging. "Hoe groot of klein een ongeluk ook is. Op locatie zelf kun je pas daadwerkelijk de ernst van een ongeval beoordelen. Daarbij weet je dat wanneer je bij een trauma afdeling gaat werken je met dit soort zaken te maken kan krijgen. Al gebeurt het neerstorten van een vliegtuig natuurlijk niet iedere dag."

Bij aankomst viel het Eversdijk op dat, ondanks de orde van grootte van de ramp, er een relatieve rust heerste onder de hulpverleners ter plaatse. " Ik heb bij een soortgelijke oefening wel eens meegemaakt dat er totale chaos heerste. Maar bij de aanpak van de hulp in dit geval kan ik niet anders zeggen dan dat het adequaat, gestructureerd en zeer professioneel verliep."

Na zich gemeld te hebben bij de Officier van Dienst Geneeskundig (OvDG), die bij grote rampen en ongelukken de regie in handen heeft, ontfermde Eversdijk zich na een korte 'briefing' over de mensen in het zwaarst getroffen, voorste gedeelte van het vliegtuig. "Binnen was het totale chaos. Het plafond was naar beneden gekomen. Mensen lagen her en der over elkaar heen gevouwen. Stoelen waren afgebroken. Het was een complete puinhoop."

Eversdijk kan bogen op een gezonde dosis ervaring als MMT. Daarnaast heeft hij veel bagage meegekregen van speciale trainingen die hij ontving. Dat neemt allemaal niet weg dat die ervaring in de praktijk brengen net weer anders is. "Allereerst onderzoek je welke mensen wel en geen hulp nodig hebben. Sommige mensen zijn, alle inspanningen ten spijt, niet meer te redden. En dat is best hard. Dan moet je je dus concentreren op de mensen voor wie hulpverlening wel nut heeft. En ik moet eerlijk toegeven, het is heel moeilijk daar een goede afweging in te maken." Want hoewel Eversdijk als traumachirurg vaker met dit bijltje gehakt heeft, was een ramp van deze omvang hem ook vreemd. "In samenwerking met de brandweer en andere hulpverleners hebben we rij voor rij de stoelen weggezaagd. Zo hebben we zowel gewonden als overledenen uit het wrak weten te halen."



Nu, twee dagen later kijkt Eversdijk toch met gemengde gevoelens terug op zijn rol als als onderdeel van het wereldnieuws. Hij is slechts drie dagen per maand als arts werkzaam als bemanningslid van de traumahelikopter. Dat de ramp tijdens een van zijn diensten gebeurde, was voor hem 'beroepstechnisch' geen straf.

"Nogmaals, het liefst zie ik dat er helemaal nooit iets gebeurt. Hoe minder mensen gewond raken hoe beter. Maar op de ramp met het vliegtuig en dan doel ik met name op het handelen van de hulpdiensten, kijk toch wel enigszins trots terug. De teamprestatie die wij als hulpverleners geleverd hebben, verdient zeker een compliment."

Nogmaals benadrukt de arts dat een heldendaad hem vreemd is. "De feiten liegen helaas niet. Er zijn tot zover negen mensen omgekomen. Er zijn legio zwaargewonden. Dus van een euforiestemming wil ik zeker niet spreken. Ik wil ook zeker niet beweren dat zonder onze hulp meer mensen zouden zijn omgekomen. Maar dat de samenwerking tussen de hulpdiensten zeer goed was en dat ik een steentje heb kunnen bijdragen, geeft mij enigszins wel een goed gevoel."

Waar Eversdijk wel een wat wrange smaak aan over houdt zijn de vele speculaties die meteen na de ramp volgden. "Ik verbaas me iedere keer weer over de rol van de media bij wat voor ramp dan ook. Ik snap dat de media een rol hebben het publiek te informeren. Ik snap ook dat wanneer ik uit zo'n gele kanarie stap het altijd reuze interessant is om dat dan op de voet te volgen. Zeker bij een grote klapper als deze. Maar ik erger me vaak aan journalisten die het geduld niet kunnen opbrengen om of een persconferentie of een onderzoek af kunnen wachten. Aan dat SBS6-gehalte irriteer ik me mateloos. Zelfs een Nova doet mee aan dit soort idioterie. Met speculaties help je geen mens. Wacht gewoon de feiten af. Dan pas heb je een verhaal helder."

 
Reacties
laatste eerstSorteer reacties
idd....het journaille is een bron van irritante ergernissen.......gelijk gaan zoeken naar wat mensen verkeerd doen, niet op hun beurt kunnen wachten, stellen van overbodige en stomme vragen.........bij een dergelijke gebeurtenis zou er drie dagen geen informatie verstrekt moeten worden (wel aan belanghebbenden uiteraard!)....
tutorned - 27-02-2009 | 14:32

U kon tot 29-03-2009 reageren op dit artikel.


Nu op de homepage

Klik hier voor meer....

Specials Veluwe west

Zoek met Google op deze site