ZUTPHEN - Er komt een inventarisatie van de mogelijke problemen op het spoor in Gelderland en Overijssel. Het Deventer ingenieursbureau Witteveen+Bos heeft hiervoor een opdracht gekregen.
Beide provincies willen weten wat voor hen de gevolgen zijn nu het personenvervoer over spoor in de Randstad anders wordt ingericht. Om hier de benodigde capaciteit voor vrij te maken kiest de overheid er voor het goederenvervoer te verplaatsen naar minder druk bereden trajecten in Nederland. De Tweede Kamer heeft hier al mee ingestemd. In een aantal varianten van alternatieve routes voor goederenvervoer per spoor komt de IJssellijn in beeld. Voor dit gebied loopt die lijn tussen Arnhem, Brummen, Zutphen en Deventer.
Het ingenieursbureau heeft de opdracht gekregen van de contactgroep spoorgemeenten Oost-Nederland. Deze organisatie is in het leven geroepen door de provincies Gelderland en Overijssel. Zij hebben besloten tot een gezamenlijke aanpak om zo goed mogelijk te kunnen reageren op de overheidsplannen.
Witteveen+Bos gaat nu onderzoeken hoe het zit met onder meer de verkeersafwikkeling, de veiligheid, de geluidsbelasting en de trillinghinder. Ook wordt er gekeken naar de invloed van intensief spoorverkeer op de natuur- en recreatiegebieden. Het ingenieursbureau verwacht de resultaten half maart te presenteren. Uiterlijk in juni worden de planstudies met de Tweede Kamer besproken.
U kon tot 07-03-2010 reageren op dit artikel.