ZWOLLE - Wie geen zin heeft om lid te worden van één sportvereniging, maar wel af en toe tegen een balletje wil slaan of schoppen, wordt binnenkort in Zwolle op z'n wenken bediend.
De samenwerkende sportverenigingen van de Pelikaan lanceerden gisteren een innovatief systeem, waardoor Zwollenaren gebruik kunnen maken van alle deelnemende sportaccomodaties op tijden die hen zelf uitkomt. De clubs hopen met het zogenaamde flexibele lidmaatschap Zwollenaren aan het sporten te krijgen die daar nu, vanwege tijdgebrek, niet aan toe komen.De lidmaatschapspas van de toekomst, dat moet de Zwolse Sportpas volgens de ontwikkelaars worden. Iedere sporter krijgt een kaart die bij aankomst op het sportpark door de instructeur door een speciaal daarvoor ontwikkeld apparaatje wordt gehaald. De club weet wie er op het veld of in de zaal staan en de sporter kan op een speciale internetsite zelf een sport naar keuze uitzoeken en ziet in een oogopslag of er bijvoorbeeld een tennis- of beachvolleybalbaan vrij is.
Vanaf juni starten de clubs op het sportpark in de Aa-landen, waar onder meer hockey, tennis, voetbal, beachvolleybal en korfbal beoefend kan worden, met de proef. Zo'n 150 deelnemers - senioren, leerlingen en werknemers van deelnemende bedrijven - mogen de Sportpas dan gedurende twee maanden testen. Volgens verenigingsmanager en initiatiefnemer Diederik Meijntjes van de Pelikaan dient de pas in eerste instantie voornamelijk om de sporters te registreren. "De clubs kunnen dan zien wie, welke sport heeft beoefend, maar bijvoorbeeld ook in welke wijk die sporter woont. Dat is voor instellingen als de gemeente van belang. Die kan dan inspringen op de sportbehoefte van bijvoorbeeld senioren in een bepaalde wijk", legt Meijntjes uit.
De verenigingsmanager van de Pelikaan denkt dat de culturele instellingen in de stad uiteindelijk ook gebruik kunnen gaan maken van het systeem.
De Zwolse Olympisch schaatser Ronald Mulder mocht gistermiddag op de Pelikaan uit handen van Diederik Meijntjes het eerste exemplaar in ontvangst nemen.

















U kon tot 06-05-2010 reageren op dit artikel.