Het is prachtig om te zien hoe soepel de vaderlandse waterschappen ons door de wateroverlast leiden. Een lekker stevig klusje, de dijkgraaf spuugt vergenoegd in de handen en trotseert als een vorst de natuurelementen.
En wat een prachtige taal waait onze geest binnen: balgstuw, dijkbewaking, kwelwaterpompen, stuwen, gemaal, overloopgebied, waterbergingsgebied. En niet te vergeten dat plompe maar o zo poëtische woord: zandzak.Het water geeft ons onze identiteit terug. Dit is Nederland. Droog gepolderd om daarna waakzaam te blijven voor het periodiek terugslaande water. Het ziet er naar uit dat wij ook dit keer overeind blijven. De nuchterheid waarmee de mensen in het noorden met de malheur omgaan spreekt boekdelen: in de oorlog stond het water hoger, meneer. De man uit Dordrecht die stoïcijns uit zijn raam naar het wassende water kijkt - foto in alle (sociale) media - staat symbool voor ons allen. Niet omver te krijgen, dit volk. Gewoon rustig blijven, vertrouwen en als het moet op tijd handelen en elkaar helpen.
De mensen van de waterschappen wrijven zich ondertussen ook om een andere reden in de handen. Het kabinet had wilde plannen. Dat schapje moest maar eens goed gereorganiseerd worden, bestuurlijk elders ondergebracht - de provincie is het idee - en financieel anders geregeld. En - toegegeven - die periodieke waterschapsverkiezing was folklore. Beetje overdreven om het bestuur door onwetende en onverschillige burgers te laten kiezen. Dat kan net zo goed indirect door gemeenteraden gebeuren.Kortom, de regering rook een paar euro bezuinigingsgeld. Ons liet het koud, want tja zo'n waterschap.Het zal wel. Wij zijn vergeten waarom we de meeste tijd droge voeten hebben. De natuur pepert het ons nu mooi in. We kunnen helemaal niet zonder die geoliede, gestaag in stilte werkende waterschappen. Door de waterschappen blijft het besef levend wie we zijn. Niks aan veranderen.



Sorteer reacties











