Het wrak van de Groninger tjalk ligt sinds vorig jaar onder een overkapping bij het Nationaal Scheepsarcheologisch Depot in Lelystad.
LELYSTAD - Van de duizenden schepen die in de loop der eeuwen door de golven van de voormalige Zuiderzee zijn verzwolgen zijn er bij de drooglegging van Flevoland 435 teruggevonden. Overal in het vlakke polderlandschap herinneren blauwwitte paaltjes met daarboven een rood gekleurd scheepje aan de talrijke zeemansgraven in de bodem van het Nieuwe Land.
Een diep menselijk drama gaat schuil achter de ondergang van de Groninger tjalk ‘de Zeehond’ die in maart 1886 op de Zuiderzee verging. Zeventig jaar later kwam het wrak bij de aanleg van afwateringsbuizen tussen de A6 en de Zeeasterweg tevoorschijn. Puntgaaf, met de complete scheepsinventaris nog aan boord. Van potten, pannen en een kolenfornuis tot kleding, kinderschoentjes en speelgoed. In 1990 kreeg het onfortuinlijke schip op de vindplaats in het Natuurpark Lelystad een overkapping. Vorig jaar verhuisden de resten van ‘de Zeehond’ naar het Nationaal Scheepsarcheologisch Depot in Lelystad.
Het geluk leek schipper Willem Venema, zijn zwangere vrouw Annegien Koerts en hun drie kleine kinderen toe te lachen toen ze met goed weer vanuit een haven in Overijssel begonnen aan de oversteek van de Zuiderzee met bestemming Amsterdam. De tjalk, geladen met 40.000 veldovenstenen, was een huwelijksgeschenk van de ouders van Annegien en bood het jonge gezin een weliswaar hardwerkend, maar voor die tijd een vrij en redelijk welvarend bestaan. Middenop zee kwam de tjalk in een zware storm terecht, de luiken van het ruim sloegen los en de Zeehond begon snel water te maken. Het schippersgezin en de knecht sprongen op het allerlaatste moment in de volgsloep en ontsnapten zo aan de verdrinkingsdood. Kamper vissers brachten de schipbreukelingen naar de wal waar de ellende voor schipper Willem Venema en zijn familie pas echt begon. De Zeehond bleek niet verzekerd te zijn. Bovendien eisten de vissers een reddingsloon van tien gulden. Maar Venema bezat geen rooie cent meer, waarna de Kampenaren hem voor de rechter sleepten. Die wees de eis van de vissers onmiddellijk af en veegde hen voor hun asociale gedrag ook nog eens flink de mantel uit.
De Venema’s belandden uiteindelijk in Amsterdam. Ze waren alles kwijt. Willem vond werk als stoker bij een suikerfabriek. Negen jaar na de schipbreuk overleed Annegien op 35-jarige leeftijd, Willem met acht kinderen achterlatend. Begin jaren tachtig van de vorige eeuw kwamen de nazaten van het echtpaar Venema-Koerts in Ketelhaven bij elkaar, omringd door de spulletjes uit ‘de Zeehond’. De toen 88-jarige dochter Tine, die vier jaar na de scheepsramp werd geboren, kon tegenover haar familie en verslaggevers het drama uit de tweede hand navertellen.
www.nieuwlanderfgoed.nl



Voor lezersredacteur/verslaggever Nees Westerhout was dit gegeven aanleiding voor een serie zomerse verkenningen per scooter langs de 450 kilometer lange grens van ‘Stentoria’, op zoek naar boeiende mensen, plekjes en verhalen. Vanaf dinsdag 13 juli doet hij in de negen afleveringen tellende zomerserie ‘De Grens’, zowel in het regiokatern van de papieren krant als op deze webpagina, verslag van zijn bevindingen.













U kon tot 30-09-2010 reageren op dit artikel.