Romme wil niet meer verliezen

Auteur: door MAARTEN VAN HELVOIRT |   zaterdag 04 november 2006 | 07:31

Tekstgrootte tekst verkleinentekst vergroten
4 NOVEMBER 2006 - ASSEN - De eerste keer dat Gianni Romme op schaatsen stond, stond hij te huilen op het ijs. Daarna werd hij de vrolijke noot van zijn sport. Eentje die heel veel won.
‘Als ik het zie afbrokkelen, stop ik direct. Een kampioen moet een kampioen blijven. Zo’n Falko Zandstra, dat is toch zielig? Ze mogen me best eens verslaan, maar niet al te vaak. Want dan denk ik al gauw: verdomme, ik wil gewoon zelf winnen!’

Dat was een straffe uitspraak van Gianni Romme eind 1998, het jaar dat hij olympisch kampioen op de 5000 en 10.000 meter werd.

Maar hoewel hij de laatste twee seizoenen de jonge garde hem links en rechts voorbij zag razen, wilde hij nog van geen afscheid van de schaatssport weten. Tot gisteren. ‘Vorig jaar liep het al voor geen meter en dat zinde me totaal niet. Daarom wilde ik dit seizoen nog één keer zien waar ik stond. De laatste drie weken van oktober heb ik in Inzell getraind. Met veel plezier moet ik zeggen, maar in de drie testwedstrijden die ik daar heb gereden, merkte ik dat ik duidelijk achterbleef bij het niveau dat ik zou willen hebben. Dan moet je moet voor jezelf een conclusie trekken, dan is het einde oefening. Toevallig zat ik laatst m’n trainingsdagboek door te bladeren en toen zag ik dat ik nog 6.30 op de vijf kilometer reed. Maar in 1997 reed ik ook al 6.30, een wereldrecord toen. De tijden zijn sindsdien alleen maar sneller geworden, behalve bij mij.’ Maar in die tussentijd won hij behalve zijn twee olympische titels ook nog eens negen wereldtitels, waarvan twee als allrounder. In 2003 voegde hij nog de Europese en wereldtitel allround aan zijn imposante palmares toe. En daarmee is hij de laatste Nederlandse wereldkampioen allround.

In 2001 waren er al wat twijfels bij de buitenwacht, maar Romme wilde niet geloven dat het blijvend voorbij zou kunnen zijn met zijn superioriteit. Alleen het gemak waarmee hij het jaar ervoor na een poos van ziekte de draad oppakte, was er even niet. Al bleef hij nog wel gewoon zijn favoriete vijf en tien kilometer winnen.

Mede dankzij zijn turbodijen, werd vaak gezegd. Maar dat viel volgens Romme wel mee. ‘In de kleedkamer hebben we er eens de centimeter langs gelegd. De mijne zijn gewoon dik, 64 centimeter, niks dikker dan die van een ander.’

U kon tot 04-12-2006 reageren op dit artikel.

Koerskreet


Klik hier voor het laatste nieuws over de Tour