Schaakstad Apeldoorn, een blakende honderdjarige

Auteur: door Floris de Koning |   maandag 15 december 2008 | 05:55

Tekstgrootte tekst verkleinentekst vergroten
APELDOORN - Schaakstad Apeldoorn bestaat honderd jaar.
Het jubileum is groots gevierd, de afsluiting van de festiviteiten vond gistermiddag plaats in het Denksportcentrum aan de Dubbelbeek - op de dag af een eeuw na de oprichting. De eerste leden meldden zich na een advertentie op de voorpagina van deze krant en kwamen samen in de sociëteit bij het Oranjepark.

Vrijdag was er al een receptie geweest in de Wilde Pieters, zaterdag een feest na de reguliere externe competitie en ter gelegenheid van jubileum is er een fraai boekje uitgegeven. Gisteren werd er vooral geschaakt: er werd een rapidtoernooi afgewerkt. De sfeer was goed in het Denksportcentrum, overigens niet de gebruikelijke thuishaven van Schaakstad. In de ruimtes waar geschaakt werd, was het weliswaar ijzig stil, maar in de kantine kletste men wat af. Het ledenbestand bleek lang niet zo vergrijsd als je zou denken. Bovendien: schaakhumor bestaat, getuige de opmerking 'Hij is zo klein dat hij om de tafel heen moet lopen als-ie een pion laat promoveren'.

Schaakstad Apeldoorn is een fusieclub, SVA (Schaakvereniging Apeldoorn) en ASG (Apeldoors Schaak Genootschap) gingen in 1999 samen op in de nieuwe vereniging. Laatstgenoemde club is de eigenlijke jarige. Hoewel de clubs voorheen in derby's als water en vuur op elkaar reageerden, bleek de fusie een succes. De schakers zijn naast de volleyballers van Dynamo, de tennissers van De Manege en de driebanders van A1 Biljarts de enige Apeldoornse vereniging die op het hoogste landelijke niveau meedoet. Dat is een direct resultaat van de fusie te noemen, het nieuwe team promoveerde snel naar de hoogste klasse. Bovendien is het een relatief grote club, vertelde Lex Cornelisse, voorzitter van Schaakstad Apeldoorn. ,,Met de jeugd meegenomen hebben we ongeveer honderd leden.'' Naast het eerste team doen ook het tweede en het derde het nationaal gezien goed.

Kampioen van Nederland worden is echter een schier onmogelijke opgave. De nationale schaaktop vertoont veel gelijkenissen met het hedendaagse voetbal: de club met het meeste geld heeft de beste schakers. Zo kan je zomaar een paar Russen tegenkomen bij Groningen. Dat grote geld ontbeert Schaakstad Apeldoorn - al hebben ze daar ook buitenlanders op de loonlijst. Cornelisse: ,,Maar we willen ook een binding houden met de stad; veel Apeldoorners in het team dus. En als bijvoorbeeld Artur Joesoepov (de voormalig nummer twee van de wereld, red.) meedoet, geeft hij ook jeugdtrainingen.'' Het verliezen van dergelijke toppers zou funest zijn. ,,Als je geen schaakgrootmeesters meer hebt degradeer je heel snel'', aldus Cornelisse. Om mee te blijven doen aan de top is opleiding belangrijk. Die is deels uit handen gegeven van SBSA (Stichting bevorderen schaken apeldoorn), onder leiding van Karel van Delft. Ook dat gaat de Apeldoorners goed af. Zo spelen jongelingen als Roeland Pruijssers en Stefan Kuipers mee in het eerste team. Allemaal factoren die tot het grootste sportieve succes van de vereniging hebben geleid: deelname aan de Europacup in Turkije.

Kuipers speelde gisteren simultaanschaak. Wie wilde - lid of geen lid - mocht proberen hem te verslaan. Makkelijker gezegd dan gedaan, zo ondervond schrijver dezes...

U kon tot 14-01-2009 reageren op dit artikel.