In training voor Olympische titel 2028

Auteur: door Gep Leeflang |   woensdag 10 maart 2010 | 18:56 | Laatst bijgewerkt op: donderdag 11 maart 2010 | 08:35

Tekstgrootte tekst verkleinentekst vergroten
Yorik Wever neemt een slok, na een flinke krachtsinspanning. Hij droomt van een grote carrière. foto Cees Baars

Yorik Wever neemt een slok, na een flinke krachtsinspanning. Hij droomt van een grote carrière. foto Cees Baars

APELDOORN - Verhitte gezichten, gistermiddag op het ovaal van Omnisport. Baanwielrenners van pakweg acht tot twaalf jaar, in training. Het is de generatie die op zijn top is als het Olympische baanwielrennen wellicht bij Omnisport wordt afgewerkt...

Yorik Wever is als achtjarige bloedfanatiek. Hij neemt het deze middag doodleuk op tegen een aantal oudere jongens. Hoewel hij die strijd verliest is hij vol goede moed.

Een glanzende carrière als topsporter ziet hij wel zitten. ,,Dat lijkt me wel wat. Ik droom wel eens dat ik een beroemde wielrenner word'', bekent hij. Voorbeelden heeft het Adelaar-talent genoeg. ,,Ik heb weleens training gehad van Teun Mulder en ik heb tijdens de Zesdaagse in Omnisport Léon van Bon zien rijden. Ik sport drie keer in de week. En ik heb thuis een trampoline.''

Trainer John Hommes trommelt de volgende groep de baan op en Yorik Wever tilt zijn fiets weer naar boven. Tijd voor de volgende rondjes.

Dave Kleiboer puft ondertussen nog even uit. Hij is tien jaar oud, 28 dus als de Olympische Spelen mogelijk in Nederland worden gehouden. Achttien jaar is een lange periode, weet hij. Maar het idee om dan deel te nemen is best aantrekkelijk. Alleen niet als baanwielrenner, voegt hij er direct aan toe. ,,Ik doe dit vooral voor m'n conditie'', zegt hij. ,,Ik ben vooral fietscrosser.''

Hij heeft dan ook niet het karakteristieke tenue van De Adelaar aan, want is lid van FCC Apeldoorn. ,,Als fietscrosser ben ik Europees kampioen'', zegt hij trots, ,,en heb ik ook twee keer het Nederlands kampioenschap gewonnen. Op televisie heb ik de Olympische fietscrosswedstrijden in Beijing gezien. Ik hoop dat ik daar later ook bij mag zijn.''

Baansecretaris Rob de Bruijn moet glimlachen. Hij herinnert zich nog dat de fietscrosser voor het eerst op de houten baan stapte. ,,Hij zei: 'Ik weet niet of ik dit wel leuk ga vinden.' Hij bleef die keer ook helemaal onderin rijden. Maar vervolgens komt hij iedere keer terug en moet je nu eens kijken hoe hij het doet!''

Carmella Ranalli houdt wel de Adelaar-kleuren hoog. Ze is tien en spant zich deze woensdagmiddag behoorlijk in. Droomt ze er weleens van om in de finale van de Olympische Spelen te rijden? ,,Ja, best wel vaak'', zegt ze, zonder blikken of blozen. Mijn voorbeeld is Marianne Vos. Ik heb haar wel eens in het echt gezien, maar zien rijden heb ik haar alleen op televisie.'' Stel je voor: over achttien jaar volle tribunes in Omnisport, jij rijdt de Olympische finale... ,,Heel vet!''

Niet alle deelnemers aan de baanwielrenmiddag hebben dat soort aspiraties. Net als Dave Kleiboer vindt een aantal het rondjes draaien op de baan simpelweg een prima manier om de conditie op peil te houden. Lekker bezig zijn in de winter, terwijl je eigen discipline even stil ligt. Colin Boon (12, Eerbeek) bijvoorbeeld: ,,Fietscross vind ik leuker. Op de baan draai je alleen maar rondjes.''

Lianne van der Linden is eveneens twaalf. Ze is lid van Bar End. ,,Ik vind het belangrijk om in de winter te baanwielrennen'', zegt ze. ,,In de zomer doe ik aan mountainbiken. Daarin rijd ik al met de groteren mee, het gaat goed. In 2006 ben ik bij de meisjes een keer eerste geworden tijdens een nationale wedstrijd.''

Meer zien van de Olympische generatie van 2028? Zie filmpje op www.destentor.nl/apeldoorn


U kon tot 10-04-2010 reageren op dit artikel.

Nu op de homepage

Klik hier voor meer....