Sterretjes zien in de Ster

Auteur: door Jan Pieter Borgmeijer |   maandag 08 maart 2010 | 02:37 | Laatst bijgewerkt op: maandag 08 maart 2010 | 02:45

Tekstgrootte tekst verkleinentekst vergroten
ZWOLLE - Geen sneeuw, geen slagregen, geen gehesen stormbal. Beetje fris, maar heerlijk fietsweer. Zou je kunnen denken, uit de wind, in de zon, achter glas.
Niet dus. Bericht vanaf het slagveld.

Als de koers losgaat, weten Julián van Dijk en Edwin Wielink na de eerste bocht al dat het vandaag niet hun dag gaat worden. "De motoragent twijfelde", zegt Van Dijk. "We raakten op de verkeerde weghelft. Alles zat op de kant. Ik ben vol door de wind naar voren gereden. Het was alles of niets. Ik heb mezelf opgeblazen."

Met de bebouwing uit zicht, op de dijk naar Wijhe, gaat de snelheid in de ploegleidersauto van De IJsselstreek vlot naar zestig kilometer per uur. Het peloton valt in vijf waaiers uiteen. "Nummer 142 lost, Edwin Wielink", kraakt de koersradio. "Dat is geen goed teken als je naam als eerste genoemd wordt", zegt ploegleider Robert van Plateringen (28) rustig over het kwijtraken van zijn eerste man. Wielink later resoluut: "Ik vind het prima als die jongens van achttien, negentien jaar hun leven willen wagen, maar ik ben dertig. Voor mij hoeft het niet meer. Dit was mijn eerste en mijn laatste klassieker. Ik ga criteriums rijden."

De IJsselstreek heeft 25 elite/ beloften op de ledenlijst. "Daarvan zijn er acht klassiekerwaardig", geeft Van Plateringen uitleg bij de levende beelden voor de auto. De Harderwijker reed de openingsklassieker zelf zes keer. "Je moet de wil hebben om voorin te koersen. Dat betekent risico nemen. Het verschil tussen als eerste remmen of 'maar zien of we het overleven'. Er kan maximaal veertien man in de eerste waaier, maar er willen er wel honderd in. Hoe die tot stand komt, dat is echt oorlog."

In de Ster van Zwolle maken LSE- en continentalteams de dienst uit. "In de eerste waaier zitten vijf renners van Jo Piels, dat is geen toeval. Zij moeten de koers maken en dat doen ze ook." Zes renners van de IJsselstreek dwongen een contract af bij een van die grotere ploegen. Leander Schreurs fietst voor Koopmans, Ismaël Kip bij Koga CreditForce. Aanstaande zaterdag start de clubcompetitie met de Ronde van Groningen. "In dat soort wedstrijden heeft de IJsselstreek echt wat te zoeken", weet Van Plateringen. "De vrije klassiekers zijn extraatjes. Je wordt er hard van. Je kunt er niet tegen trainen. Wij hebben jongens die nog niet weten waar hun plafond ligt. En we horen hier gewoon te rijden, dit is ons gebied."

De passage van de Lemelerberg is gevaarlijk door rijen fietstoeristen en ijsvorming op de top. De koersradio meldt de namen van de eerste twee groepen. Van Plateringen schudt het hoofd. "Tsjongejonge. Wij niet. Een blamage. Het kan alleen nog als die eerste vijftig renners bij elkaar komen." Vlak na de doorkomst in Dalfsen, op weg naar Ommen, komen zijn woorden uit. Aan kop komen 66 man samen. Onder hen Pieter Paul de Weerd en Alex de Lange. "De rest kan bij de Lichtmis linksaf."

Bij Hasselt drijft het ijs nog in het kanaal. "Die kou is een aanslag op je lichaam. Je kunt er niet tegen eten", zegt De Weerd na de streep. Hij finisht als 66ste en baalt. "Ik zit bij Ommen nog in de eerste waaier, maar laat me zo wegdrukken." De Lange wordt knap 41ste en de beste IJsselstreker.

U kon tot 07-04-2010 reageren op dit artikel.