Burgemeester Joost van Oostrum van Berkelland feliciteert Rinus Smet na zijn huldiging waarbij de Borculoër Ridder in de Orde van Oranje Nassau is geworden.
Volledig scherm
Burgemeester Joost van Oostrum van Berkelland feliciteert Rinus Smet na zijn huldiging waarbij de Borculoër Ridder in de Orde van Oranje Nassau is geworden. © Arjan Gotink

Koninklijke ‘boost’ voor Rinus Smet: ridder op Dag Berkellandse ondernemer

EIBERGEN - Tijdens de dag voor de Berkellandse ondernemer is donderdagmiddag Rinus Smet (73), medeoprichter en oud-voorzitter van het Platform BV Berkelland, koninklijk onderscheiden. Hij kreeg door burgemeester Joost van Oostrum de onderscheiding Ridder in de Orde van Oranje-Nassau opgespeld.

  1. Stadse Fratsen: Over de tong in 1829
    PREMIUM
    column

    Stadse Fratsen: Over de tong in 1829

    Het kan niet anders of Jacobus Haggeman - mijn betovergrootvader - is tijdens de Kerstdagen van 1829 flink over de tong gegaan bij diverse familiebezoeken in Baak, Steenderen en omstreken. Dat concludeer ik uit een mail van twee mannen van de Historische Vereniging Steenderen. Het duo had voor een artikel in de krant een lokale kwestie uitgezocht. Ondertussen doken ze, aangemoedigd door mij, in mijn stamboom. De mail dateert alweer van 19 mei van dit jaar. Ik heb het bericht even terzijde gelegd. Iets weerhield me om deze familiewas direct buiten te hangen. Ik kom er nu toch op omdat ik af en toe een vrouw groet als ze voorbij fietst in de stad. We hebben dezelfde roots en kennen elkaar van vroeger. Veertig jaar geleden ging ze over onze tongen, na een plotse bevalling die niemand - volgens mij zelfs haar familie niet - had zien aankomen. Na de eerste schok hernam het leven in ons dorp snel weer zijn gewone gang. Of dat na 20 december 1829 ook is gebeurd, weet ik niet. Die dag bevalt Berndien te Brinke, ook bekend als de weduwe Kraaijvanger. Opmerkelijk omdat ze tien maanden daarvoor haar 24 jaar oudere echtgenoot heeft begraven. Mijn betovergrootvader is in 1829 de knecht van weduwe Berendsen, die woont op een steenworp afstand van de Kraaijvangers in de Rozenstraat. Eén maand is voor Jacobus (28) genoeg om kennis te krijgen aan de zeven jaar oudere buurvrouw. Ze kenden elkaar vast langer. Uit het relaas van de mannen van de Historische Vereniging Steenderen maak ik op dat Jacobus geen flierefluiter is. Hij accepteert het onwettige kind en trouwt twee weken na de bevalling met Berndien. Daarna verwekt Jacobus nog drie kinderen bij haar. De jongste is de vader van mijn opa. Hem heb ik veel horen vertellen. Maar niet dit verhaal.

Achterhoek