Volledig scherm
PREMIUM
Rik Rotink met hond Bowie bij de ingang van de zeugenhouderij. Foto Theo Kock © Theo Kock

Omdat de boer minder antibiotica gebruikt blijft infectie bij mensen beter te bestrijden

DOETINCHEM - Om te zorgen dat antibiotica werkzaam blijft als bestrijder van infecties bij mensen, is in 2010 afgesproken dat de veehouderij minder antibiotica moet gebruiken. Dat is van belang want hoe vaker je antibiotica gebruikt, hoe groter de kans dat bacteriën er ongevoelig (resistent) voor worden. De dalende lijn in het gebruik zet zich voort.

Infecties met resistente bacteriën zijn moeilijker te behandelen. Dieren kunnen de resistente bacteriën overdragen op mensen die in de veehouderij werken. Zij op hun beurt kunnen ze weer doorgeven aan andere mensen. De veehouderij is goed op weg: sinds 2009 is het gebruik van antibiotica met 64 procent gedaald. Dat betekent dat antibiotica bij mensen werkzaam blijft en minder naar zwaardere bestrijders van infecties hoeft te worden uitgeweken.

Verminderde weerstand

Volgens het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) draagt ongeveer 1 op de 13 Nederlanders een resistente bacterie bij zich. Normaal gesproken merken we daar niets van; we worden er zelf niet ziek van maar kunnen deze bacteriën dus wel doorgeven aan anderen. Iemand met een verminderde weerstand (zoals zieken of ouderen) kan er ziek van worden. Om de kans op verspreiding te verminderen wordt in ziekenhuizen en verpleeghuizen extra hygiëne in acht genomen en worden patiënten met een resistente bacterie gescheiden verpleegd. Veehouders die via hun dieren de MRSA-bacterie bij zich dragen, liggen in het ziekenhuis apart om besmetting van andere patiënten te voorkomen. MRSA is ongevoelig  voor behandeling met de meeste antibiotica.

De Stentor gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement

Achterhoek