Niek van Dijk had er geen rekening meer mee gehouden, maar op latere leeftijd bereikte de aanvaller toch nog de hoofdklasse.
Volledig scherm
Niek van Dijk had er geen rekening meer mee gehouden, maar op latere leeftijd bereikte de aanvaller toch nog de hoofdklasse. © Freddy Schinkel

Niek van Dijk, van SC Genemuiden 6 naar debuut in het eerste: ‘Er is altijd een weg’

Als jeugdspeler vaak geblesseerd raken, terugkeren in het zesde elftal en op je 24ste toch debuteren in het eerste van SC Genemuiden. Niek van Dijk laat zien dat het kan. ,,Ik dacht dat ik nooit meer zou voetballen.’’

Niek van Dijk glimlacht. ,,Ik kom net kijken. Dat is misschien een beetje gek om te roepen, maar het is wel zo. Mijn drive is om in het eerste te komen, maar daarvoor zal ik me echt bij het tweede moeten bewijzen. Wachten op mijn kans. Zo simpel is het.”

Hij heeft de trainingskleren al aan, dinsdagavond in de bestuurskamer van SC Genemuiden. Straks mag hij het veld op, de storm in. Van Dijk, die twee weken geleden tegen Urk (2-0) zijn debuut heeft gemaakt in het eerste elftal, is nog steeds verbaasd dat juist hij gevraagd is voor een interview met de krant. Maar het verhaal van deze 24-jarige voetballer is best bijzonder te noemen. Hij begint, rijkelijk laat, als tiener in de C4 en wordt meteen topscorer - met meer dan dertig goals. Daarna de geleidelijke weg: C1, B1, A1. Totdat hij een zware blessure oploopt en vreest dat hij nooit meer op het veld kan staan. Een misvatting, zo is gebleken.

Kapot

Zuidvogels-uit, zes jaar geleden. In Huizen gaat het goed mis voor Van Dijk, dan eerstejaars A-junior. Na een indirecte vrije trap komt de bal terecht tussen de benen van een tegenstander. Ingeklemd. Van Dijk, een typische ‘alles of niets-voetballer’, haalt vol door en ligt niet veel later kermend van de pijn op het gras. ,,Kuitbeen gebroken, enkelbanden afgescheurd. Alles wat kapot kon, was kapot. Behalve mijn scheenbeen. Ik ben drie keer geopereerd. ‘Je zal er altijd last van blijven houden’, zei de dokter. Toen dacht ik dat ik nooit meer zou voetballen.”

Quote

Kuitbeen gebroken, enkelban­den afge­scheurd. Alles wat kapot kon, was kapot. Behalve mijn scheenbeen

Niek van Dijk

Weg droom. Hij ziet zichzelf nog zo op de tribune zitten bij het eerste, als klein mannetje. De boarding is van hout, het gras is puur. Hij kijkt naar de grote mannen van die tijd. Een jonge Martijn Jansen, de ervaren André de Boer en Wiljan Kattenberg. Yves Heskamp die vrijwel altijd scoorde. Een mooie ploeg, met veel eigen jongens. Van Dijk weet: daar wil ik ooit ook staan.

De blessure lijkt roet in het eten te gooien. Tot Van Dijk, na een maandenlange revalidatie, ineens geen last meer heeft van de voorspelde naweeën. Hij keert als voetballer terug in de zaal en wordt daarna door zijn broer uitgenodigd voor een wedstrijdje van het zesde. Of hij het weer wil proberen op het veld. Ja, antwoordt Van Dijk. ,,En ik scoorde direct. Toen ben ik gebleven, vijf jaar lang.”

Drive

Maar Van Dijk valt op. Een voetballer met drive, met een goed schot in de poten. Sterk in één-op-één-situaties. Behoorlijk snel, bovendien. ,,Ik kan niet zo goed doseren”, zegt Van Dijk lachend. In het zesde komt hij daar nog mee weg: na 90 minuten kan hij nog wel een wedstrijdje ballen. ,,Maar in het tweede ben je dan wel verrot.” En in dat team speelt hij sinds het begin van dit seizoen. Het zesde is leuk en gezellig, maar Van Dijk wil het ook wel een niveau hoger proberen.

Quote

Waar ik had gestaan zonder die blessure? Dan had ik nu misschien wel vast in het eerste gezeten

Daardoor komt hij in het vizier van de hoofdtrainer, René van der Weij. De vrijdag voor Urk-thuis, twee weken geleden, krijgt Van Dijk een appje. Hij zit bij de wedstrijdselectie. Een verrassing. Van Dijk vindt zichzelf de volgende dag terug op de bank naast Ryan van Lente, Matthias Breman en Rick Doorn. Jongens die weten hoe het is om in Sportclub 1 te spelen. Maar ook: drie verdedigers. Wanneer Van der Weij noodgedwongen een aanvaller moet wisselen, kijkt hij naar Van Dijk. De trainer kan ervoor kiezen om wat omzettingen te doen en één van de ‘ervaren’ spelers te brengen, maar dat doet hij niet. Een aanvaller voor een aanvaller. Van Dijk krijgt de kans. Hij valt in en Genemuiden wint met 2-0. Een onvergetelijke dag.

Zo kan het dus gaan. Geblesseerd raken, opkrabbelen bij het zesde elftal en jaren later ‘gewoon’ debuteren bij een hoofdklasser. Niet verwacht, toch gebeurd. ,,Waar ik had gestaan zonder die blessure? Dan had ik nu misschien wel vast in het eerste gezeten. Na het gesprek met de dokter spatte mijn droom uiteen, maar nu sta ik er weer. Het is mooi om een voorbeeld te zijn voor anderen. Er is altijd een weg.”

Amateurvoetbal