Volledig scherm
Kunstgrasmatten bij het bedrijf Vink in Barneveld. © AD

Gelderland kan risicovolle bedrijven niet goed genoeg in de gaten houden

Gelderland heeft te weinig zicht op de naleving van vergunningen die worden verstrekt aan risicovolle bedrijven. De omgevingsdiensten houden bevindingen op verschillende manieren bij, waardoor de provincie geen eenduidig beeld heeft van wat er gebeurt.

Dat blijkt uit onderzoek van de Rekenkamer Oost-Nederland. Gelderland wil haar inwoners een gezonde en veilige leefomgeving bieden, maar het is maar lastig te bepalen of dat wat de provincie doet, daaraan bijdraagt. Toezicht en handhaving stonden de afgelopen jaren in ieder geval ‘minder op de voorgrond’, constateert de Rekenkamer.

Provincie is verantwoordelijk

De provincie is verantwoordelijk voor vergunningen en toezicht bij zogenoemde complexe en risicovolle bedrijven, waarvan we er ruim 200 hebben. Denk daarbij aan afvalverwerkers en boerenbedrijven met een mestvergister. Bedrijven, kortom, die een grote impact kunnen hebben op hun omgeving en het milieu. Wettelijk is vastgelegd dat niet de provincies zelf, maar de daarvoor ingestelde omgevingsdiensten deze taken uitvoert. Het idee is dat zij onafhankelijker zijn, waardoor de kwaliteit van toezicht en vergunningverlening toeneemt.

De praktijk blijkt echter anders. Gelderland, zo schrijft de Rekenkamer, is ‘nog zoekende in de aansturing van de omgevingsdiensten’, waarvan we er in deze provincie zeven hebben. De omgevingsdiensten slaan hun bevindingen allemaal apart op, waardoor de provincie beperkt zicht heeft op het naleefgedrag van bedrijven.

Voorbeelden

Ondertussen is de provincie de laatste tijd wel dichter op het werk van de omgevingsdiensten gaan zitten, als gevolg van een aantal incidenten. Zo waren er branden bij afvalverwerkers, was er geuroverlast voor omwonenden van de Parenco-papierfabriek in Renkum en was er sprake van onveilige opslag en verwerking van grondstoffen: de kwestie Vink. 

Die betrokkenheid is nu te groot, vindt de Rekenkamer. Gelderland zou een stapje terug moeten doen, omdat het de bedoeling van het Rijk was dat de Omgevingsdiensten onafhankelijk hun werkzaamheden kunnen doen.

Het Gelderse bestuur wordt door Provinciale Staten vooral ter verantwoording geroepen naar aanleiding van incidenten en veel minder voor het niet behalen van doelen, stelt de Rekenkamer. Terwijl het aantal rapportages tekort schiet: het college stuurde met name eind vorig jaar en begin dit jaar meerdere brieven met informatie over ontwikkelingen bij bedrijven onder hun bevoegd gezag. Daarvoor gebeurde dit nauwelijks.

Het moet beter, vindt ook de provincie

De provincie erkent in een reactie dat het beter moet. Er wordt, zo laat het college weten, nu een nieuwe manier van vergunningverlening en toezicht opgezet. Daarbij komt de verantwoordelijkheid bij nog maar twee omgevingsdiensten te liggen.

Ook wil Gelderland op termijn weer meer afstand nemen van de omgevingsdiensten. ‘Door casuïstiek zoals de problematiek bij het bedrijf Vink en calamiteiten van de afgelopen periode zien we dat er meer ruimte voor interpretatie is van onze opdracht aan de omgevingsdiensten dan we dachten. Dat maakt dat we nu meer sturing en meer controle op detail uitvoeren. Maar met zeker de behoefte, aan onze zijde en aan de zijde van de omgevingsdiensten, om weer stappen terug te maken’.

Ook wordt het informatiesysteem vanaf volgend jaar beter. De voorbereiding daarvoor is in gang gezet, schrijft het college. ‘Wij verwachten dat het systeem in de tweede helft van 2020 geïmplementeerd zal worden’.