Brandweerkracht in Oost-Nederland is vooral vrijwilliger

videoIn de veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland bestaat 93 procent van de brandweerlieden uit vrijwilligers. Zeven procent van het korps is beroepskracht. Daarmee heeft het brandweerkorps samen met die van Noord-Limburg de meeste vrijwillige brandweerlieden van ons land.

Dit blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Het personeelsbestand van de veiligheidsregio’s bestaat volgens het CBS vooral uit mensen die deel uitmaken van de operationele dienst van de brandweer: de brandbestrijding en hulpverleningen. Van deze ruim 24.000 mensen is 22 procent beroeps- en 78 procent vrijwillige kracht. 

Ook in de veiligheidsregio IJsselland is het merendeel vrijwilliger: bij dit korps is 85 procent vrijwilliger en vijftien procent beroepskracht. In Flevoland is een op de vier brandweerlieden beroeps, driekwart van het korps wordt gevormd door vrijwillige brandweerlieden. De veiligheidsregio’s Amsterdam-Amstelland en Haaglanden hebben met 73 procent het hoogste percentage beroepskrachten.

Platteland

Woordvoerder René van der Neut van de veiligheidsregio Noord- en Oost-Nederland (VNOG) is niet verrast door de cijfers. ,,De brandweer is in de basis een vrijwilligersorganisatie. Maar in sommige gebieden is het qua uitrukken vanwege de vele incidenten met alleen vrijwilligers niet te doen. En dan kom je al snel in de randstedelijke regio’s terecht of andere gebieden met grote steden waar de meeste beroepskrachten werken.’’ 

Verhaal loopt door onder foto. 

Volledig scherm
De brandweer in actie in Brummen. De veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland draait bijna volledig op vrijwilligers. © Pim Velthuizen

Dat Noord- en Oost-Gelderland het hoogste percentage vrijwilligers kent, heeft volgens Van der Neut te maken met het feit dat deze regio niet veel grote steden kent. ,,Oneerbiedig gezegd: onze veiligheidsregio is een plattelandsregio. Het aantal beroepskrachten wordt mede bepaald door het aantal steden en bijvoorbeeld de industrie in het gebied. Dat betekent dat we in onze regio alleen een beroepskorps in Apeldoorn hebben. Daarnaast hebben we in Zutphen en Doetinchem kazernes met een 24 uurs-bezetting door voornamelijk vrijwilligers.’’ 

Hard nodig

Hoewel het steeds moeilijker wordt, slaagt de VNOG er nog altijd in voldoende vrijwilligers te strikken. ,,Het is een continue proces, een kwestie van steeds vooruit kijken. We hebben 56 kazernes, ze zijn gelukkig nu nog allemaal voldoende bemenst. Maar vrijwilligers zijn en blijven hard nodig.’’

Het grote aantal vrijwilligers tegenover een klein aantal beroepskrachten doet niets af aan de veiligheid, stelt Van der Neut. ,,Integendeel, de vrijwilligers krijgen dezelfde opleiding als de beroepsbrandweerlieden. Het verschil is eigenlijk alleen dat ze naast hun reguliere baan zich ook nog inzetten als vrijwillig professional bij de brandweer.’’

Vrouw

Als het om brandweervrouwen gaat, scoort Flevoland met ruim vier procent het laagst in Oost-Nederland en IJsselland met zeven procent het hoogst. In de veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland is het aandeel brandweervrouwen 5.8 procent. Landelijk schommelt het aandeel brandweervrouwen rond de zes procent.

In samenwerking met indebuurt Apeldoorn

Apeldoorn