Moordenaar Arnhemse Melissa uit de cel naar psychiatrische instelling

ARNHEM - De celstraf van de 36-jarige Orleando A., die in 2007 is veroordeeld tot 20 jaar cel voor de moord op Melissa Ulrich, zit erop. Hij komt onder voorwaarden vrij, zodra er een bed voor hem beschikbaar is bij een forensisch psychiatrische instelling in Almelo. 

Daar staat hij al op een wachtlijst en is hij snel aan de beurt.

De rechtbank in Arnhem wees donderdag een verzoek om uitstel van zijn vrijlating af. Dat was een week eerder gedaan door het Openbaar Ministerie, dat zich zorgen maakte over de kans op herhaling. A. heeft immers een persoonlijkheidsstoornis, vermoedden deskundigen in 2007. En die is nog altijd onbehandeld gebleven.

Uiterlijk 12 juni

A. kreeg 20 jaar cel opgelegd in 2007 voor de gruwelijke moord op de 19-jarige Arnhemse Melissa Ullrich in mei 2006. Hij bond het slachtoffer vast, overgoot haar met brandstof en stak haar levend in brand in haar flat.

Hulpverleners haalden haar nog levend uit de brandende woning, maar ze overleed toch kort daarna. A. had ruzie met haar vriend.

Een veroordeelde die alleen celstraf uitzit en geen tbs heeft, komt in Nederland na tweederde van een celstraf vrij onder voorwaarden. Dat betekent dat A. uiterlijk 12 juni op vrije voeten komt. Om daar van af te wijken moeten er flinke gronden worden aangevoerd. 

‘Nog altijd ongewis waartoe hij in staat is’

Bermmonument voor de vermoorde Melissa Ulrich op het Immerlooplein in Arnhem.
Volledig scherm
Bermmonument voor de vermoorde Melissa Ulrich op het Immerlooplein in Arnhem. © Foto Raphael Drent

Het OM vond het te gevaarlijk om A. uit de cel naar de instelling te laten vertrekken. A. ontkent de moord nog steeds en heeft ook nog steeds niet voldoende meegewerkt aan een persoonlijkheidsonderzoek.

Terwijl er nog steeds vermoedens van stoornissen zijn waarvoor hij nooit is behandeld en die niet vanzelf weg gaan. Het is dus nog altijd ongewis waartoe hij in staat is, zo betoogde het OM een week geleden. Het OM wilde dat dat eerst onderzocht werd door het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie en Psychologie (NIFP).

De rechtbank vindt niet dat er concrete nieuwe aanwijzingen zijn dat het te gevaarlijk is om Orleando A. voorwaardelijk vrij te laten, of dat het verblijf in die instelling de samenleving onvoldoende beveiligt. Het meewerken aan een persoonlijkheidsonderzoek kan volgens de rechtbank ook als voorwaarde opgenomen worden bij de voorwaardelijke vrijlating.

De rechtbank gaat ervan uit dat het bed voor 12 juni beschikbaar is.