Lili en Howick geven 400 gedupeerde kinderen in Nederland een gezicht

De jaarwisselingWat maakte 2018 memorabel? Een serie verhalen waarin we terugblikken en vooruitkijken aan de hand van de grote en kleine gebeurtenissen. De ‘zaak’ van de Armeense asielkinderen Lili en Howick liet het asieldebat in Nederland dit jaar overkoken. Nu de gemoederen weer een beetje zijn bedaard, rest de vraag: zijn we eigenlijk iets opgeschoten?

Hoe het gaat met Lili (12) en Howick (13)? Beter, zegt hun vriendin Brigitte Borghaerts. Maar praten met de media doen de twee Armeense tieners voorlopig even niet. ,,Ze hebben nog steeds geen rust, want ze missen hun moeder.’’ Hun moeder, Armina Hambartsjumian (37), wacht in een kleine studio in Jerevan op het moment dat haar aanvraag voor gezinshereniging rond is en ze zich van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) na anderhalf jaar weer bij haar kinderen mag voegen. Ze had gehoopt al met de kerst bij hen te zijn. ,,Dat was maandenlang het lichtpuntje waar ik mij aan vasthield’’, meldt ze vanuit Armenië. Het gaat niet goed met haar, zegt ze, door stress en slaapgebrek heeft ze last van maagzweren. Haar hoop nu: in februari, als Howick jarig is, in Nederland zijn. ,,Mijn hart breekt ervan, ik voel me soms zo hopeloos en eenzaam dat ik wel kan schreeuwen.’’