Volledig scherm
Tot 1970 was aan de Noordenberg- straat, de huidige panden van het Stadsarchief, de groothandel van de firma Noach gevestigd. Op deze foto uit 1953 staat Salomon Noach in de deuropening. Hij keerde na de oorlog terug en kon de familiehandel in lompen, konijnen- en hazenvellen voortzetten. Later handelde hij ook in metalen en papier.foto Jonny Levy

Herinneringen aan een rijk joods leven

Een informatiepanel in het Etty Hillesum Centrum aan de Roggestraat maakt meteen veel duidelijk. Op een plattegrond van de binnenstad zijn alle (voormalige) joodse bedrijven aangegeven. Veel slagers, bakkers en textielhandelaren, maar bijvoorbeeld ook de meubelzaak van de gebroeders Cohen op de hoek van de Sandrasteeg. Voor de oorlog was het joodse leven overal.


Aan de vooravond van de bezetting wonen er 590 Joden in Deventer. Daaronder zo'n honderd Duitse Joden die vanwege de nazi's zijn gevlucht naar Nederland. Tweederde van de Deventer Joden wordt tijdens de oorlog weggevoerd. Slechts tachtig keren er terug. Vandaag de dag wonen er nog ongeveer 20 joodse families in Deventer, schat Lex Rutgers.

Rutgers is vrijwilliger van het eerste uur bij het Etty Hillesum Centrum. Ook verzorgt hij, samen met anderen, zo ongeveer maandelijks een joodse wandeling. In ongeveer anderhalf uur struint de Deventenaar langs plaatsen die herinneren aan het leven en werken van de Joden. "In aantal was de joodse gemeenschap misschien niet groot, maar door hun ondernemersgeest waren zij zeer nadrukkelijk in de samenleving aanwezig", vertelt Rutgers.

De Joodse Deventenaren krijgen al snel na de Duitse inval te maken met intimidaties. Op de ochtend van 6 juni 1940 zien de joodse zakenlieden dat hun etalageruiten en deuren zijn besmeurd.'Judisches Geschäft' valt er te lezen. In juni 1941 slaan NSB'ers de synagoge aan de Golstraat kort en klein, de thora-rol wordt versnipperd. Vanaf de zomer van 1942 beginnen de deportaties en worden tijdens razzia's tientallen Joden opgepakt en afgevoerd. In Deventer en omgeving volgt op 14 januari 1943 de 'finale actie'. Alle niet-ondergedoken Joden worden opgepakt, op een aantal zieken en bejaarden na. Die worden enkele maanden later alsnog afgevoerd, in veewagens.

Je moet het weten, maar overal in de stad herinneren gebouwen, namen, monumenten en gedenkstenen aan Joden. Zoals bijvoorbeeld De Korenbloem op de hoek van de Papenstraat en de Ankersteeg. De gedenksteen herinnert aan de Palestinapioniers die ter voorbereiding op hun emigratie samenkwamen in koffiehuis De Korenbloem dat ooit op deze plek gevestigd was. Of de Sajetbaal aan de Noordenbergstraat, waar de firma Noach onder meer 'sajetten', wollen kousen, verkocht. En wat te denken van Grote Poot 8/10, waar lange tijd slagerij Gosschalk was gevestigd. Naast de deur is nog een gat te zien waar de 'mezoeza' heeft gezeten. Bij (vrome) joden is aan de rechter deurpost een rolletje perkament bevestigd waarop een fragment van het Oude Testament staat geschreven.

Zeker ook in de Nieuwstraat waren veel joodse winkels te vinden, zoals de slagerijen Oppenheim, Visser en Meijer van Spiegel en de bakkerijen van Alex Härtz en Louis de Leeuw. "Tegenwoordig heet het stadslogement nog altijd De Leeuw. Het is een eerbetoon aan de bakkersfamilie", weet Rutgers. "De familie De Leeuw was in 1943 elders in de Nieuwstraat onderdoken en werd verraden toen dochter Jeltje voor het raam verscheen. Zij werd met haar dikke vlechten en rode brilletje meteen herkend." Aan Nieuwstraat 49 herinnert verder een (onleesbare) steen in het portiek aan Sam Noach (1882-1942). Deze handelaar in kloosterlinnen was zo beroemd dat iedere brief met daarop enkel zijn naam altijd keurig netjes in Deventer werd bezorgd.

De meest opvallende joodse bouwwerken zijn natuurlijk de drie (voormalige) synagogen die Deventer herbergt. In de oudste 'sjoel' aan de Roggestraat is tegenwoordig het Etty Hillesum Centrum gevestigd. Toen de joodse gemeenschap in de negentiende eeuw flink groeide werd aan de Golstraat, een veel grotere synagoge gebouwd. Tegenwoordig is dit pand in gebruik als christelijk gereformeerde kerk. De oude synagoge ging dienst doen als joodse school. Aan het pleintje achter beide gebouwen staat nog altijd het joodse gemeentelokaal, met daaraan nog de klossen aan de kozijnen voor het loofhuttenfeest. "Hier was het centrum van de joodse gemeenschap. De voorzanger woonde boven het gemeentelokaal. En ooit stond er een badhuis en was er een kosjere kippenslachterij", leidt Rutgers rond.

De in de oorlog vernielde synagoge aan de Golstraat werd gerestaureerd en weer in gebruik genomen. Toch moest de gedecimeerde gemeenschap al in 1951 besluiten om het pand en de bijgebouwen te verkopen. Een herenhuis aan de Lange Bisschop werd de derde synagoge voor de joodse gemeenschap in Deventer. Het snijraam boven de voordeur van de huidige winkel herinnert hier nog aan.

Vandaag de dag is er van een actief joods leven in Deventer eigenlijk geen sprake meer. In de jaren na de oorlog emigreren veel overlevenden van de holocaust naar Israël. Uiteindelijk wordt de joodse gemeenschap te klein om nog zelfstandig te functioneren. In 1984 gaat de Deventer joodse gemeente op in een samenwerkingsverband met Zutphen en Apeldoorn.

"Wat overblijft is de herinnering aan het joodse leven. De nagedachtenis daaraan willen we levend houden. En dan gaat het niet alleen om het joodse leven dat tijdens de oorlog zo gruwelijk is verstoord. Daarna ging het leven verder, ook voor de joodse gemeenschap. Dat wordt nog wel eens vergeten", zegt Rutgers.

De Stentor gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement

In samenwerking met indebuurt Deventer

Deventer