Volledig scherm
© ANP XTRA

Op deze punten werden de parkeergarages getest

VerantwoordingDe Stentor bezocht de afgelopen maanden 19 overdekte parkeergarages verspreid over Oost-Nederland. Gemeentelijke garages, garages van commerciële bedrijven en ziekenhuisgarages. We rijden in een BMW1, twee meter breed, inclusief zijspiegels. Alle parkeergelegenheden werden getoetst op exact dezelfde punten. Punten die eerder ook door de ANWB in haar garagetest werden gebruikt.

Het gaat om de volgende onderdelen: prijs, is er een voetgangersstrook, is er personeel aanwezig, is er een toilet, de breedte van het parkeervak, is er een oplaadpunt voor elektrische auto’s, moet er een starttarief betaald worden, is de garage goed verlicht/vrouwvriendelijk, hoe eenvoudig is de parkeerplaats terug te vinden en hoe is het gesteld met de rijruimte (zijn de wegen en bochten breed, heb je last van tegemoetkomend verkeer, is de rijrichting duidelijk).

Uit onderzoek van de ANWB blijkt dat bestuurders de breedte van de vakken en de service het belangrijkste vinden. Vandaar dat die onderdelen iets zwaarder meewegen in het eindresultaat. Uiteraard blijft dat eindonderdeel subjectief: de ene bestuurder vindt de prijs misschien belangrijker, of wil gewoonweg dicht bij het centrum parkeren, de ander wil vooral een breed vak.

Voor de breedte heeft deze krant gekeken naar de huidige NEN-norm. Die geeft aan dat een vak minstens 2,40 meter breed moet zijn, maar eigenlijk 2,50 meter. Aangetekend moet worden dat deze norm de afgelopen decennia veranderd is: de norm is steeds breder, omdat auto’s breder worden. Zo kan het zijn dat oude garages destijds wel de NEN-norm haalden en nu niet meer.