Volledig scherm
Het zelfportret van Rembrandt. © AP

Mauritshuis haalt Hollandse meesters uit Britse landhuizen

Het Mauritshuis in Den Haag krijgt een schilderij met een bijzonder verhaal in bruikleen. Een Engelse familie schonk het bij wijze van belastingbetaling aan de Britse erfgoedorganisatie National Trust. Ze veronderstelde dat het een doek van een leerling van Rembrandt was, waarschijnlijk Govert Flinck, maar het bleek eentje van de hand van de grote meester zelf te zijn. 

De Trust gaat bij wijze van uitzondering de boer op met een tentoonstelling van schilderijen uit eigen bezit, waaronder de in 2010 verkregen Rembrandt. Het doek kwam uit de nalatenschap van de weduwe van Lord Samuel of Wych Cross, een filantroop en vermaard verzamelaar van werken van Hollandse en Vlaamse meesters. 

Behalve het Holburne Museum in Bath profiteert alleen het Mauritshuis van deze zeldzame actie. Het is ook niet zo'n wonder dat Nederland in de prijzen valt, want het gaat om een verzameling van 22 Nederlandse meesters. Vanaf 11 oktober zijn ze aan de Hofvijver te zien.

 12 landhuizen

Quentin Buvelot, hoofdconservator van het Mauritshuis, hielp de Trust met al zijn kennis en bij de selectie van de werken. De uitverkoren 22 hangen normaal verspreid over twaalf Engelse landhuizen, die soms met inhoud en al aan de Trust zijn toevertrouwd door eigenaren die hun nog altijd zo tot de verbeelding sprekende mansions en stately homes financieel niet meer aankonden.
De Trust accepteerde ze vaak om hun verzamelingen. 

Inmiddels heeft de Trust 13.500 schilderijen in beheer. Dat daaronder nogal wat Nederlandse meesters te vinden zijn, komt niet alleen door de voorkeuren van de landhuiseigenaren, maar ook doordat er tot de achttiende eeuw aan de andere kant van het Kanaal amper talent tot ontwikkeling kwam. Er werd dus onder meer bij ons besteld en met name koning Charles II nodigde ook buitenlandse kunstenaars uit. ,,We hebben jullie nodig", aldus de vorst van het land dat zich nu van de Europese Unie afscheidt.

Kunstenaars gaven gehoor, niet alleen om de vraag aldaar, maar soms ook om aan de concurrentie in de artistiek zo bloeiende Lage Landen te ontsnappen. Door de ontwikkelingen worden sommige schilders uit onze contreien toen en nu een beetje als Engels gezien, onder wie Antoon of Anthony van Dyck, Adriaen van Diest, de uit Nederlandse ouders in Duitsland geboren Peter Lely en vader en zoon Willem van de Velde.

De tentoonstelling zal verder werk behelzen van onder anderen Honthorst, Lievens, Hobbema, Ter Borch, De Hooch, Metsu en Steen. Ook is er een volgens Buvelot fenomenaal gezicht op Dordrecht bij van Albert Cuyp. In Groot-Brittannië is veel van hem te vinden. Het land leed enige tijds zelfs aan 'Cuyp-gekte'. ,,Als we ooit een Cuyp zouden kopen, zou het uit Engeland zijn", aldus Buvelot.