Volledig scherm
Op dit heidecomplex aan weerszijden van de weg Elspeet-Uddel moest het opvangkamp komen. foto Tom van Dijke

Hoe Wilhelmina 'Westerbork' in Elspeet voorkomt

ELSPEET - In Elspeet wordt de komst van het kamp vergeleken met een natuurramp, maar dan erger. Het plan is slecht voor het toerisme, dat net op gang begint te komen, vormt een bedreiging voor de natuur, en er zijn grote zorgen dat de kampbewoners een minder gunstige invloed op de bevolking hebben.

Maar Elspeet voldoet aan alle voorwaarden. De grond is goedkoop, de kans op assimilatie met de bevolking van de streek is klein.

De voorgeschiedenis gaat terug naar 1933, als Hitler aan de macht komt in Duitsland. Een ding is duidelijk. Hij duldt geen joden in zijn rijk. Op de vlucht voor de dreigende situatie komen 25.000 tot 30.000 Duitsers - voor het grootste deel joden - naar Nederland. In diverse gemeenten worden spontaan comités opgericht om onderdak te regelen, maar echt welkom zijn de vluchtelingen niet. De regering doet er na de 'Kristallnacht' in november 1938 - als bijna 200 synagoges en 7.500 winkels van joden in Duitsland worden aangevallen en vernield - alles aan om de grenzen te sluiten.

De angst bestaat dat anders de toeloop te groot wordt en dat zou het land in crisistijd niet aan kunnen. Daarbij wijst minister-president Colijn er in november 1938 op dat te veel joodse vluchtelingen niet goed zou zijn voor de Nederlandse joden. Het zou het antisemitisme alleen maar verder aanwakkeren. In 1939, als duizenden vluchtelingen zijn verdeeld over 26 locaties, komt de regering tot de conclusie dat er een groot centraal opvangkamp moet komen. Minister Van Boeyen van Binnenlandse Zaken wil een miljoen gulden uitgeven voor de bouw, maar wel op rekening van het Centraal Comité voor Bijzondere Joodsche Belangen. Er zijn aanvankelijk drie opties: leegstaande gebouwen in Hellevoetsluis, de duinstreek bij Haarlem, en de Veluwe. Als locatie wordt gekozen voor een defensieterrein bij Elspeet. Van Boeyen kent dat gebied. Hij komt zelf oorspronkelijk uit Putten en zijn vrouw is een Nunspeetse. Hun zoon zou later (1978-1992) burgemeester van Harderwijk worden.

De gemeenteraad gaat akkoord, en niets lijkt de bouw van het kamp nog in de weg te staan. Tot koningin Wilhelmina in actie komt. Een dag na het raadsbesluit schrijft ze de minister van Binnenlandse Zaken, dat ze een opvangkamp in haar achtertuin niet op prijs stelt, hoewel het kamp op twaalf (!) kilometer van haar zomerpaleis 't Loo in Apeldoorn ligt. Korte tijd later laat de regering Elspeet vallen.

Nadat er nog even is gekeken in de omgeving van Heerde en Oldebroek en ook Steenwijk valt op 19 juli 1939 de definitieve keuze op op het Amerveld bij Westerbork.

In de zomer van 1939 begint de bouw. Op 9 oktober arriveren de eerste 22 bewoners. Eind 1941 beslissen de nazi's Westerbork voor deportatiedoeleinden gereed te maken. De kosten, zoals uitbreiding met 24 grote barakken, worden betaald met in beslaggenomen joodse vermogens. Kamp Westerbork gaat de geschiedenis in als het symbool van de moord op 102.000 in Nederland levende joden, en 200 Sinti en Roma-zigeuners. Uit archiefstukken blijkt dat minister Van Boeyen niet gelukkig is geweest met de keuze voor Westerbork. In april 1939 deelt hij het Comité voor de Bijzondere Joodsche Belangen mee daartoe gedwongen te zijn door gebrek aan een andere mogelijkheid.

De boze brieven uit Elspeet en raadsstukken zijn terug te vinden in het archief, dat tegenwoordig is ondergebracht bij Streekarchivariaat Noordwest-Veluwe, in het gemeentehuis van Nunspeet. Hoewel het dossier 1401 een opmerkelijke inkijk biedt in de houding van de Nederlandse regering en bevolking ten opzichte van de joden, en de opvallende rol van koningin Wilhelmina rond het beoogde kamp in Elspeet, is er volgens archivaris Henk Hovenkamp nooit serieus onderzoek naar de stukken gedaan. Wat ook opvalt in het hele verhaal is dat de centen een belangrijke rol spelen. De joden moeten zelf de kosten voor het kamp ophoesten. Ze steken uiteindelijk 1,25 miljoen gulden in kamp Westerbork. De gemeenteraad van Ermelo krijgt voorgehouden dat een kamp in Elspeet goed is voor de middenstand en veel werk oplevert, want lokale arbeidskrachten mogen het kamp bouwen. En als de raad akkoord gaat wordt de erfpacht voor het rijk nog even snel verdubbeld.

  1. Hoogleraar: Bomenkap is niet oorzaak van het verdwijnen van bos, maar de Natuurwet
    PREMIUM

    Hoogleraar: Bomenkap is niet oorzaak van het verdwijnen van bos, maar de Natuurwet

    Er zijn kritische kanttekeningen te plaatsen bij de petitie van duurzaamheidsorganisatie Urgenda en zestig natuurorganisaties om een verbod in te stellen op grootschalige bomenkap, aldus hoogleraar bosecologie en bosbeheer (Wageningen Universiteit) en adviseur bij Staatsbosbeheer Frits Mohren. Dat Staatsbosbeheer haar eigen beleid nu onder een vergrootglas legt, noemt Mohren desondanks ‘verstandig’. ,,Maar de reguliere houtkap is van een heel andere orde van grootte dan nu wordt voorgespiegeld.”

Veluwe