Volledig scherm
Marleen Kragt (38) uit IJsselmuiden met haar pleegkind Romy Baartman (16). © Foto Freddy Schinkel

‘We behandelen pleegkinderen net als de rest, ze hebben geen streepje voor’

Marleen Kragt en haar man weten hoe het is om kinderen op te vangen die om wat voor reden ook uit huis worden geplaatst. Momenteel vangt het gezin met drie kinderen uit IJsselmuiden nog drie kinderen op. ,,We behandelen ze hetzelfde als de rest.”

Dik tien jaar geleden zagen ze een spotje op televisie. Gezocht: pleeggezinnen. ,,We wilden iets doen voor kinderen in nood en dachten in eerste instantie aan adoptie. Maar daar is het ouderaanbod veel groter dan het aantal beschikbare adoptiekinderen. Toen we dat spotje van pleegzorg zagen, bleek de nood daar veel hoger. Als we kinderen wilden helpen moesten we daar zijn. Toen zijn we ons erin gaan verdiepen”, vertelt Marleen (38). 

Crisisopvang

Nu jaren verder is het aantal kinderen dat ze sindsdien in huis nemen bijna niet te tellen. ,,Tussen de 15 en 25 schat ik in”, rekent de IJsselmuidense snel voor. Soms een crisisopvang van enkele maanden, anderen verblijven er jaren. Zoals Romy Baartman, die voor het gesprek is aangeschoven. Ze is 16 jaar, maar verblijft sinds haar derde levensjaar bij diverse pleeggezinnen, omdat ze niet bij haar (gescheiden) ouders kan wonen.

 Bij de familie Kragt woont ze nu vijf jaar en ze heeft het goed naar haar zin. ,,We moesten wel even aan elkaar wennen. Ik weet nog dat ik in mijn dagboek schreef dat ik zo’n hoofdpijn had van de drukte hier”, vertelt de in het westen des lands geboren Romy. De familie Kragt is haar vierde pleeggezin, ,,Maar dat is weinig vergeleken met andere pleegkinderen, de nood is gewoon hoog”, zegt Romy.

Extra kamer

Marleen: ,,Met behulp van een fonds hebben we een extra kamer gerealiseerd en we hebben Romy echt zien opbloeien.” Ook de 23-jarige Maryan verblijft al jaren in IJsselmuiden. Marleen: ,,Zij verblijft het langst bij ons, onze jongste dochter was toen nog niet eens geboren. Maryan woont inmiddels in Maastricht op kamers voor haar studie. Zij komt uit een streng Islamitisch gezin en dat ging om een geheime plaatsing. Ze nam alleen een rugtasje met kleren mee en keerde niet meer terug. In die cultuur een schande, maar het ging niet. Op school maakten ze zich zorgen en toen is ze bij haar ouders weggegaan. Ze is een succesverhaal. Toen ze bij ons binnenkwam lachte ze nooit en maakte het haar niet uit wat ze at, iemand zonder mening. Nu is uitgegroeid tot een mooie vrouw.” 

En dan is daar nog een 4-jarig meisje voor wie de familie momenteel als crisisopvang fungeert. ,,De achtergrond van al die gevallen verschilt. Van verslaving tot schulden, vechtscheiding of criminele ouders. Zo zagen we eens een opsporingsprogramma op tv, bleek het om de vader van een kind te gaan dat wij toen in huis hadden. Dat soort dingen maak je mee.” 

Reformatorisch gezin

Romy komt uit een streng reformatorisch gezin. ,,Wij zijn zelf christelijk, maar afkomst en religie speelt geen rol bij het maken van een match”, vertelt Marleen. ,,Wij verplichten ze niet om met ons mee te gaan naar de kerk, tenzij het om jonge kinderen gaat, die gaan gewoon mee. Met onze manier van leven hopen we ze wel iets mee te geven van het geloof.” 

Het grootste ‘offer’ is dat de eigen kinderen minder aandacht krijgen, zegt ervaringsdeskundige Marleen. ,,Je moet ze delen, maar ze zijn ermee opgegroeid, kennen niet anders. Er zijn periodes dat het heel druk is. Onze kinderen worden wat sneller zelfstandiger. Wij nemen meestal meisjes in huis, dat past gewoon beter, omdat wij zelf ook alleen maar meiden hebben. We behandelen pleegkinderen net als de rest, ze hebben geen streepje voor omdat ze iets ergs hebben meegemaakt.” 

Flexibiliteit is dan ook een must (‘ik ben van mezelf erg makkelijk’) en moet je geen kind nemen met dezelfde leeftijd als je eigen kids. ,,Dan zitten ze te veel in elkaars vaarwater, worden het concurrenten”, zegt ook Trias Jeugdzorg. Ze hebben nog nooit een kind met heimwee gehad. Dat geldt ook voor Romy. ,,Dat zegt genoeg over de thuissituatie. Over het algemeen is de match goed en je krijgt vanuit Trias goede begeleiding, je kunt echt aangeven wat je wel en niet wilt.” 

Het lijkt van den gekke, maar kinderen voelen zich vaak schuldig tegenover hun biologische ouders, zijn loyaal, voelen zich verantwoordelijk voor de ontstane situatie. Marleen: ,,Het voelt voor mij ook wel eens dubbel. Leer ik een klein kind fietsen, of noemen ze mij mama. Dat horen hun echte ouders mee te maken.” Je hoeft niet met taart klaar te staan als je een pleegkind in huis neemt. ,,Voor een kind is het nu eenmaal niet leuk. Je probeert het normale leven weer op te pakken, stelt doelen, zoals bijvoorbeeld een rijbewijs of schooldiploma. Buitenstaanders denken dat je een soort superouder bent, wat knap zeggen ze dan, maar vriendinnetjes blijven ook vaak slapen en ik ben echt niet de beste ouder. Je hart moet er gewoon voor open staan om deze kinderen te helpen. Ik ben blij dat we dit kunnen doen. Voor veel kinderen is het geen optie om thuis te blijven.”

Grote vraag naar pleeggezinnen

De vraag naar pleeggezinnen blijft onverminderd groot, zo ook in Kampen, waar Trias Pleegzorg donderdagavond een bijeenkomst hield voor mensen die hier meer over willen weten. Colin (31) en Iris (26) van der Kamp zijn naar het Kamper stadhuis gekomen, omdat ze graag een pleegkind willen opvangen. ,,Ik loop al heel lang met deze gedachte rond”, zegt Iris. ,,Ik ken de doelgroep, gaf in het verleden zwemles aan kinderen die veiligheid en geborgenheid nodig hebben.” 

Ook Colin heeft zo zijn ervaringen. ,,Ik heb met onze scoutinggroep eens een drive in voor kinderen in nood georganiseerd. We willen graag kinderen, maar het hoeft niet per se ons eigen kind te zijn. Het motiveert ons dat je een bijdrage kunt leveren die veel impact kan hebben.” Hun voorkeur ligt bij een kind in de peuterleeftijd. ,,Onze vrienden hebben ook kinderen in die leeftijd en we passen veel op. Om mee te beginnen lijkt me prima en dan misschien eerst alleen de weekenden. Laagdrempelig, kijken of het werkt.”

Flevoland