Volledig scherm
© Shody Careman

‘Neem hiervan echt maar één glaasje', tipt Giphart

We zitten tegenwoordig heel hip te doen met limoncello, maar eigenlijk drinken we gewoon een citroentje met suiker, of ouderwetse fladderak. 

Wie is er nooit voor gevallen? Je bent in een restaurant en iemand zegt aan het einde van de maaltijd: zullen we nog een glaasje limoncello doen? Een verraderlijk voorstel, want het is genetisch onmogelijk om het bij één glas van de ijskoude Italiaanse citroenlikeur te laten. Eén wordt steevast twee, worden er drie, worden er vier, en wordt ten slotte il punto di non ritorno.

Onlangs was ik met vrienden in restaurant Goesting in Utrecht, waar op de menukaart een nagerecht staat met een ‘zelfgemaakte limoncello’.

‘Kunnen we die ook los bestellen?’ vroeg mijn vrouw verlekkerd aan de ober.

Nadat de man bevestigend knikte zei ik: ‘Nou, eentje dan.’

‘Wanneer zijn we dit eigenlijk met z’n allen heel hip limoncello gaan noemen?’ vroeg een van onze vrienden, die al wat op leeftijd is. ‘Wij noemden dat vroeger gewoon een citroentje.’

‘Een citroentje met suiker!’ riep zijn vrouw verheugd.

Volgens de overlevering bleken er meerdere Nederlandse benamingen te zijn voor wat nu limoncello wordt genoemd, bijvoorbeeld citroenbrandewijn, een begrip dat in sommige regionen weer bekendstaat als ‘een cb’tje’ of een ‘cb’tje met ijs’.

Fladderak 

‘Fladderak’, riep onze vriend, toen een ober net een tweede ronde limoncello bracht, want op één been kun je niet wankelen. Wij dachten eerst dat hij hem of ons iets onaardigs toevoegde, maar hij hield vol dat ‘fladderak’ een Groningse variant van limoncello was. Met hulp van mijn telefoon kon ik binnen een halve minuut bevestigen dat hij gelijk had, in die zin dat fladderak inderdaad citroenbrandewijn is.

Volledig scherm
© Shody Careman

Helaas is de link met Groningen dan weer discutabel. Fladderak (ook geschreven als fladderac) werd in vroeger tijden in vele Nederlandse steden verkocht, maar pas na de Tweede Wereldoorlog kwam daar de klad in.

Volgens een later bedacht verhaal zou het drankje zijn vernoemd naar een belastingophaler uit het Groningse Onderdendam, maar historici kunnen die man niet vinden, dus het verhaal zou zomaar onzin kunnen zijn. Een andere verklaring is dat de citroenlikeur in 1572 voor het eerst is geproduceerd door een man genaamd Anthonie van Fladerack(en), maar ook die lijkt vooralsnog onvindbaar.

Hoe het ook zij: inmiddels wordt fladderak officieel tot Gronings erfgoed gerekend. Het drankje wordt nog steeds geproduceerd en valt - zoals in het stukje hiernaast staat - ook makkelijk zelf te bereiden. Je zou er bijvoorbeeld een goed diner mee kunnen eindigen, waarbij ik wel als tip wil geven: pas op, neem echt maar één glaasje.

Fladderak
Voor ruim 1 liter
Naar een recept op nederlands-dis.nl

- 1 liter brandewijn (minimaal 30% alcohol)
- drie citroenen
- 300 gram kandij of kandijgruis
- 10 peulen kardemom
- halve tl saffraan
- 1 weckpot van 1,5 liter

Was de citroenen goed en droog ze. Schil de citroenen zo dun mogelijk en vermijd het wit. Haal de zaadjes uit de kardemompeulen en kneus ze lichtjes. Maal de kandij tot gruis. Doe dit gruis met de kruiden en citroenschillen in de schone weckpot. Giet daarna de brandewijn erbij. Sluit de pot goed af en berg deze op in een kast. Zorg dat de pot niet in het licht staat. Schud de citroenbrandewijn dagelijks even goed door. Na ongeveer anderhalve maand is alle suiker opgelost en zijn de kruiden afgetrokken. Zeef de fladderak, giet de drank in flessen en koel deze voor gebruik.- -