Volledig scherm
Foto ter illustratie. © ANP

Doorsnee huishouden in Staphorst en Dalfsen het rijkst, armste in Lelystad en Deventer: hoe zit dat bij jou?

De gemeenten Staphorst en Dalfsen hebben in deze regio de rijkste doorsnee huishoudens, Lelystad en Deventer de armste. Dat blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Lelystad noteerde wel de hoogste stijging ten opzichte van 2017: 104,4 procent.

Het CBS rekende uit hoeveel vermogen de bijna 7,7 miljoen huishoudens in Nederland gemiddeld hadden in 2018. Daarbij keek het naar bank- en spaartegoeden en geld in eigen woning of onderneming. Eventuele schulden werden daarvan afgetrokken.

38.400 euro

Uit de cijfers blijkt dat het vermogen van een doorsnee huishouden in 2018 in Nederland 38.400 euro bedroeg. Dat was een jaar eerder 10.000 euro minder. Daarmee is het vermogen van een doorsnee huishouden voor het vijfde jaar op rij toegenomen. Dat komt vooral door waardestijging van koopwoningen, aldus het CBS.

Staphorst en Dalfsen

In deze regio zitten de meeste doorsnee huishoudens boven het landelijke gemiddelde met Staphorst (214.100 euro) en Dalfsen (189.900 euro) als grootste uitschieters, al boeren de huishoudens in Bronckhorst (162.600 euro), Voorst (151.500 euro) en Putten (150.400 euro) ook prima.

De ondergrens ligt in grotere steden. Lelystad heeft met een gemiddeld vermogen van 9200 euro in deze regio met afstand het minst vermogende doorsnee huishouden. Ook Deventer (23.200 euro), Zutphen (27.500 euro), Zwolle (27.800 euro) en Meppel (32.800 euro) zitten onder het landelijke gemiddelde.

Met doorsnee (de mediaan) wordt door het CBS het middelste vermogen bedoeld nadat alle huishoudens van laag naar hoog zijn gerangschikt. Dus: de helft van de huishoudens heeft meer dan doorsnee, de andere helft minder.

Bloemendaal rijkst

Het rijkste doorsnee huishouden woonde in 2018 overigens in Bloemendaal (337.000 euro), het minste vermogende in Rotterdam (4300 euro). 

In grote steden liggen de vermogens lager omdat daar relatief veel jongeren, uitkeringsontvangers en personen met niet-westerse migratieachtergronden wonen. Deze groepen hebben doorgaans minder vermogen.

Daling ongelijkheid

In 2018 liep de vermogensongelijkheid overigens wel terug, een trend die volgens het CBS sinds 2015 zichtbaar is. Dit hangt volgens het CBS sterk samen met de daling van huizenprijzen tijdens de economische crisis, die vooral minder vermogende huizenbezitters trof.

Woningwaarde maakt bij rijke huizenbezitters minder deel uit van vermogen, omdat zij vaak ook andersoortig vermogen hebben opgebouwd. Huizenprijzen zijn de laatste vijf jaar gestegen waardoor minder vermogende huizenbezitters er dus in verhouding meer op vooruit gaan.

Lelystad wel 104 procent erbij

Die afname in ongelijkheid is ook zichtbaar in deze regio. Want hoewel Lelystad hier in 2018 het minst rijke doorsnee huishouden noteerde, ging dat huishouden er relatief van deze regio, de stijging ten opzichte van een jaar eerder is liefst 104,4 procent. Ook de betrekkelijk armlastige doorsnee huishoudens in Zwolle (+44 procent), Zutphen (38,9 procent) en Deventer (34,1 procent) lieten forse stijgingen zien.

De drie rijkste doorsnee huishoudens in deze regio (Staphorst, Dalfsen en Bronckhorst) kwamen niet boven 12 procent uit.

Flevoland