Volledig scherm
Erve Peppelenbosch in Lochuizen kan het 'stamslot' worden genoemd van de familie Reinderink/Reinders tekening Herman Reinderink

Moordproces zet familie op kop

LOCHEM/LOCHUIZEN - We schrijven het jaar 1781. Het oude stadje Lochem staat volledig op stelten. Heeft Willemken Reinderink haar kindje wel of niet vermoord? Die vraag, daar draait het om. En zoals altijd zijn er die weigeren te geloven in de onschuld van de jonge moeder, terwijl anderen zeker denken te weten dat het kind is overleden als gevolg van een val.


Natuurlijk bereiken verhalen over deze al dan niet gepleegde babymoord ook de dorpen in de omgeving. Zelfs in de buurtschap Lochuizen bij Neede wordt er over gepraat. En daar woont Gerrit Rijnderink, de broer van Willemken. Blijkbaar heeft hij niet zoveel vertrouwen in de onschuld van zijn zuster. Of hij is gewoon bang dat de naobers hem gaan associëren met die veelbesproken moord in het verre Lochem. In ieder geval besluit hij zijn naam te veranderen. Hij zal als Gerrit Reinders verder door het leven gaan.

Is het werkelijk zo gegaan? Nou, om eerlijk te zijn is daar geen spoortje bewijs voor. Maar het zou wel zo hebben kunnen gebeuren. Meent tenminste Herman Reinderink (59) uit Lochem. Hij bestudeert al sinds hij drie jaar geleden met vervroegd pensioen ging de geschiedenis van zijn familie. Eén familie, maar met twee verschillende namen. En de reden daarvan zou best eens als boven omschreven kunnen zijn. Reinderink heeft tenminste in allerlei archieven tal van stukken gevonden, die in die richting wijzen. Waaronder een proces-verbaal betreffende de babymoord waarvan Willemken werd verdacht. "Er is daarover ook een proces gevoerd", weet hij. " Maar of er ooit een uitspraak is gedaan, heb ik niet kunnen achterhalen."

Of er nu wel of niet een schandvlek op de familie ligt, is dus niet duidelijk. Maar de babymoord zou best een aardig gespreksonderwerp kunnen zijn op de familiedag, die op 20 september wordt gehouden. Zo'n 230 nazaten van die al eerder genoemde Gerrit Rijnderink/Reinders komen die dag bij elkaar in restaurant De Mölle, bovenop de Needse berg, vlakbij Lochuizen. En dat zijn dan alleen de nazaten die een van de beide familienamen nog dragen. Die zijn allemaal persoonlijk benaderd door Herman Reinderink. Maar ook andere nazaten, die als gevolg van een huwelijk een andere naam dragen, zijn welkom. Om te kijken naar een familie-expositie die Herman Reinderink heeft samengesteld en per huifkar een ritje te maken langs de 'roots' van de familie in Lochuizen.

De Rijnderinks (de naam wordt op diverse manieren geschreven) zijn in feite een oude Lochemse familie, die rond 1300 al wordt genoemd als bewoners van het kasteeltje De Cloese. Maar tegen 1770 is er nog maar één gezin Rijnderink over in Lochem. En dat verhuist naar Lochuizen. Waarschijnlijk met achterlating van dochter Willemken, maar de naam Reinderink verdwijnt dus wel uit het stadje.

In Lochuizen duikt in 1770 de naam voor het eerst op. In de kerkelijke archieven is terug te vinden dat Gerrit Reinderink in dat jaar wordt aangenomen als lid van de NHKerk. Herman Reinderink heeft in de archieven verder kunnen terugvinden dat deze Gerrit in 1784 een klein boerderijtje (een katerstede) koopt, dat hij later verruilt voor de boerderij Peppelenbosch. Die boerderij, een groot erf met veel grond, kan het 'stamslot' van de familie genoemd worden. Maar door vererving wordt het bezit versnipperd en ontstaan nieuwe 'Reinderink-boerderijen' met 'hoesnamen' als 'n Tuut'n, de Wepse, Heuverhorst en (in Haaksbergen) 'n Pingel. Opmerkelijk is echter dat bijna alle nazaten, of ze nu Reinders of Reinderink heten, zo'n beetje in Neede en omgeving zijn blijven hangen. Ze hoeven straks voor de familiedag dus niet ver te reizen. En met Herman Reinderink is de naam van de familie ook in Lochem teruggekeerd.

Achterhoek