Volledig scherm
Volkerwessels experimenteert met onderdelen van woningen, zoals gevels, die al in de fabriek gemaakt worden. © Henk van der Stouw

‘Bouwers maken fouten omdat ze te veel werk hebben en te weinig handen’

OpinieBouwers hebben te weinig handen en te veel werk. Hun werk moet daarom alsmaar meer en sneller, merkt Theo van Vugt. Maar daardoor gaat er ook wel eens iets fout.

Er gaat wel eens iets mis in de bouw. Neem de verhalen in deze krant over bouwbedrijf Slokker. Kant-en-klare woningen met gebreken. Vervelend voor de corporatie en de bewoners, maar het komt vaker voor. Onlangs was er een probleem in Brielle met een zestal heel erg duurzame prefabwoningen die bij oplevering wat minder comfortabel bleken. Zo kwamen er isolatiekorrels uit de stopcontacten. De brandweer vond dat niet veilig en de bewoners wonen er nog steeds niet. Bouwer, burgers en corporatie rolden wel vechtend over straat.

Robot

Er wordt veel gebouwd in Nederland. Bouwers hebben alleen te weinig handjes en te veel werk en dat zorgt voor lange wachttijden en bouwfouten. Dat bouwers daarbij steeds meer kijken naar hoe ze kunnen industrialiseren is logisch. Ik sprak een tijd geleden met een directeur van ’s lands grootste bouwer BAM. Hij vertelde dat ze aan het experimenteren waren met onderdelen van woningen, zoals gevels, die al in de fabriek gemaakt worden. Op de bouwplaats wordt het vervolgens in elkaar geschroefd en dat zorgt voor een snellere bouw. In de fabriek van BAM waren in eerste instantie nog veertig vakmensen bezig om de betonnen gevels te voorzien van steenstrips. Door te automatiseren ging dat aantal al snel terug naar vier. En als de robot goed zijn werk doet en helemaal ingesteld is, dan kan één man dat werk doen. En die robot hoeft geen pauze, is nooit ziek of met vakantie. Zie hier de grote sprong voorwaarts.

Maar ja, de praktijk... In de fabriek onderdelen van woningen maken, kan alleen maar op een goede, efficiënte manier gebeuren als er volume is. Dat wil zeggen: de fabriek moet continue draaien om alle investeringen terug te verdienen, maar slechts weinig bouwers hebben zulke grote aantallen opdrachten dat het kan. Dat betekent minder ervaring met robotisering en voortdurend experimenteren. En dan gaat er wel eens iets fout.

Fouten

Vereniging Eigen Huis heeft wel eens op een rij gezet wat er allemaal aan bouwfouten wordt gemaakt bij nieuwbouwwoningen. Dat zijn dus woningen die opgeleverd worden mét krassen in de ramen, kapot tegelwerk op de wand en vloer, defecte apparatuur, ontbrekende delen van badkamers of keukens. Het komt allemaal voor. Dit soort opleveringsfouten zijn alleen nu weer aan de orde van de dag. In het overzicht kwam ook een huis voor waar de achtergevel niet was geplaatst en de cv-installatie niet klaar was voor gebruik. Voor de gevel waren gewoon te weinig stenen besteld. In plaats van de oplevering uit te stellen, kiezen bedrijven er dan voor om toch op te leveren. En de bewoners zitten met de gevolgen.

In 2017 registreerde de Vereniging Eigen Huis gemiddeld 21 gebreken per opgeleverde woning. Dat is een stijging van 40 procent ten opzichte van de crisisjaren, toen er gemiddeld 15 opleveringspunten per woning gevonden werden. Meer bouwen leidt tot meer fouten.

Toezicht

In de crisis zijn er niet alleen veel bouwvakkers ontslagen, maar ook het bouwtoezicht is bij veel gemeentes uitgekleed. Nu het weer zo druk is, zijn de plekken niet meteen gevuld. Er is veel behoefte aan beter toezicht, denken betrokkenen. Minister Ollongren hoopt echter op haar beurt dat de wet Kwaliteitsborging voor het bouwen, die bij de Eerste Kamer ligt, snel wordt aangenomen. In dat wetsvoorstel moeten private partijen meer toezicht voor hun rekening gaan nemen. Private partijen moeten en willen omzet maken, maar kunnen ze de bouwers dan wel tegen de haren instrijken en constructies afkeuren? Ze willen immers de volgende keer ook weer ingeschakeld worden. Hoe hard kun je je dan opstellen bij het constateren van bouwfouten?

Woningbouw wordt ook steeds complexer door duurzaamheidseisen en nieuwe technieken. Veel bouwers en installateurs hebben bijvoorbeeld nog weinig verstand van de technologie rond warmtepompen. Niet zelden worden de (dure) apparaten verkeerd aangesloten of leveren ze niet wat beloofd is.

Communicatie

Daarbij komt dat bouwers over het algemeen ook niet uitblinken in communicatie met hun afnemers en gebruikers. Ze bouwen liever dan dat ze praten. Helemaal zonder fouten bouwen is een utopie, maar helder communiceren over hoe problemen verholpen worden en hoe snel de bouwer ze aanpakt, kan wel een verschil maken. Klagers willen gehoord worden.

Theo van Vugt is hoofdredacteur van Cobouw.

Reageren? Mail onze opinieredactie.