Volledig scherm
Johnny Hoogerland in de bolletjestrui tijdens de rustdag in de memorabele Tour de France van 2011, samen met vader Cees. Net als vroeger op de Lemelerberg of Holterberg. foto ANP

Hard geworden op Holterberg

ZWOLLE - De kersverse nationaal kampioen wielrennen Johnny Hoogerland zag dertig jaar geleden het levenslicht in het Zwolse Sophia-ziekenhuis.

Als klein kereltje beet hij zijn tanden stuk op de Lemelerberg en Holterberg, lang voordat de Vacansoleil-renner furore zou maken in het internationale wielrennen.

Hoogerland heeft een Zeeuwse vader en een Zwolse moeder. Vader Cees werkte destijds in Genemuiden bij schildersbedrijf Van Enk en Winters, waar hij glaszetter was. Op 13 mei 1983 zag Johnny het levenslicht in Zwolle. Het jonge gezin verhuisde van Genemuiden naar Zwolle, maar vertrok na enige maanden naar Zeeland. "Ik denk dat Johnny toen zes maanden oud was", herinnert vader Cees zich.

Dat wil niet zeggen dat Johnny er nooit meer terugkwam. Oma woont nog steeds in Zwolle, ooms en tantes ook. Bovendien was de familie Hoogerland jaren trouwe gast op camping Heino. "Daar had ik een stacaravan, ik denk wel een jaar of zes, zeven", zegt Cees Hoogerland.

Niet alleen voor vakanties overigens. Hoogerland was eind jaren tachtig verwoed skeeleraar. "Veel wedstrijden waren in de regio rond Zwolle. Dan zat ik al 2,5 uur in de auto en had ik nog geen meter op skeelers gestaan. En dan moest je na de wedstrijd nog weer terug, hè. Dat was best zwaar. Dus ik bleef wel eens in Heino overnachten."

Eigenlijk wilde Hoogerland sr. marathonschaatser worden, aangestoken als hij was door de Elfstedentochten van 1985 en 1986. Maar skeeleren lag hem beter. "De dichtstbijzijnde ijsbaan vanuit Yerseke was ook 1,5 uur rijden. En op kunstijs kwam ik tekort. Skeeleren deed ik eigenlijk als zomertraining, maar dat vond ik erg leuk en het ging heel goed. In mijn eerste jaar bij de B-rijders won ik dertien wedstrijden."

In het A-peloton won Hoogerland nooit, maar goede herinneringen aan zijn skeelerjaren heeft hij nog volop. "Ik heb nog een jaar met Dries van Wijhe gereden. De Tijl Cup, speaker Jan van Ommen, ja ik weet het nog goed. Ik zie nog Ronald en Michel Mulder daar lopen, die waren toen kleine jochies. En moet je zien wat er van ze is geworden."

Bij skeelertrainingen werd Cees geregeld vergezeld door Johnny op zijn kleine racefiets. Samen fietsen deden ze ook. Vanaf Heino tochten maken. Lemelerberg, Holterberg, talloze malen fietsten ze er samen tegenop. "Johnny is nog een keer keihard van de Holterberg afgestuiterd. Bij de dokter werden zijn elleboog en benen gehecht. Maar ja, toen moesten we nog van Holten terugfietsen naar Heino. Dat was geen pretje voor hem." Knipogend naar de harde valpartijen die Hoogerland later als prof meemaakte: "Daar is hij hard van geworden, dat blijkt!"

De Stentor gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement