Volledig scherm
Koster Jan Admiraal en restauratie-adviseur Aart van Beek hebben het orgel deze week alweer uitgebreid getest. Vanavond vindt in de Grote Kerk het eerste concert plaats op het monumentale instrument. Sacha Wunderink

Orgel weer completer dan ooit

HASSELT - Veertig jaar na de laatste grote restauratie aan het befaamde Rudolph Knol-orgel in de Grote Kerk in Hasselt, heeft het majestueuze instrument weer een grote beurt achter de rug.

De werkzaamheden zijn uitgevoerd door Verschueren Orgelbouw uit Heythuysen onder advies van Aart van Beek uit Balkbrug.

De restauratie is mede mogelijk gemaakt door een subsidie in het kader van Brim (Besluit rijkssubsidiëring instandhouding monumenten) van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.

Het orgel kan er de komende zes jaar weer tegenaan, weet Van Beek. "De orgelmakers van Verschueren hebben van april tot juni werkzaamheden aan het orgel uitgevoerd", legt Van Beek uit. Zo zijn een aantal beschadigde en versleten toetsen van een nieuw laagje voorzien - 'er wordt bijna iedere week nog gespeeld op het orgel, dan gebeurt dat' - en is een deel van het pijpwerk hersteld.

Van Beek adviseert niet alleen over welke werkzaamheden aan een orgel gedaan moeten worden, hij neemt ook altijd een duik in de geschiedenis van een orgel. Tijdens het bestuderen van het in 1807 gebouwde orgel door Rudolph Knol ontdekte hij iets merkwaardigs.

Een van de registerknoppen (de knoppen aan de voorkant die uitgetrokken worden om verschillende klanken te produceren) was buiten functie en aan de binnenkant van het imposante orgel ontbrak de bijbehorende registerwals - de verbinding tussen de orgelpijpen en de registerknoppen.

Volgens Van Beek waren de orgelmakers en hij er snel over uit waar de ontbrekende registerwals voor gediend moet hebben:"Het is een slimmigheid om snel van klanksterkte te wisselen, hard of zacht. Handig bij het begeleiden van een solist bijvoorbeeld. Zo kan de suggestie gewekt worden dat het Rudolph Knol-orgel niet over twee maar over drie klavieren beschikt." Door een meevaller in het budget, is de registerwals inmiddels hersteld. "Ontzettend mooi", vindt van Beek. "Het is een unieke ontdekking en redelijk geavanceerd voor die tijd. Ik heb nog niet eerder een orgel in Nederland gezien dat het ook heeft."

Het blijft echter een raadsel wie de wals er ooit in heeft gebouwd en wie de wals er ooit ook weer uit heeft gehaald. Van Beek: "Uit papieren die ik heb gevonden blijkt dat het tijdens de laatste restauratie in 1969 wel door de orgelmakers is opgemerkt. Ze hebben er toen echter niets mee gedaan en het ook niet hersteld. Ik denk dat er te weinig tijd voor was. De mannen zijn inmiddels overleden, dus ik kan ze het ook niet meer vragen. Het blijft speculeren."

Voor Van Beek staat in ieder geval vast dat het Rudolph Knol zelf is geweest die het muzikaaltechnische handigheidje in 1807 in het grote orgel heeft gebouwd. "Het wordt in de oorspronkelijke bouwopdracht niet genoemd, maar het zou heel goed kunnen dat er tijdens de bouw meer geld beschikbaar kwam en dat Knol het er toen bij heeft bedacht."

Andere mogelijkheid is dat het register er in de negentiende eeuw aan toegevoegd is. "Of dat het er toen is uitgehaald, omdat het niet meer nodig was. Het is en blijft misschien wel een raadsel, maar ik wil het uitzoeken. Dit orgel daagt oe uit."