Olst loopt uit bij de bevrijding door de Canadezen. Links de toenmalige vleeswarenfabriek OLBA aan de Dorpsstraat.
Volledig scherm
Olst loopt uit bij de bevrijding door de Canadezen. Links de toenmalige vleeswarenfabriek OLBA aan de Dorpsstraat. © R. Bakhuis

Wijhe in diepe rouw na vreugde om capitulatie

DEEL 6 door Benny Koerhuis - Salland vierde massaal feest nadat de Duitsers in april 1945 verslagen waren door de Canadezen. Ondanks de slachtoffers die vielen onder de bevrijders, het verzet en de burgerbevolking. De schermutselingen leverden helden op, zoals luitenant Anderson en de Olster verzetslieden Immerzeel en Hoogland die hun leven gaven voor de vrijheid.


Maar de euforie rond de bevrijding van Salland en de Duitse capitulatie temperde fors nadat op 7 mei een opslag van inbeslaggenomen munitie in de Wijhese vloerzeilfabriek ontplofte. Daarbij vielen 19 doden en vele gewonden. Een reconstructie van de laatste oorlogshandelingen in deze regio.

Wesepe had nog altijd een markante korenmolen kunnen koesteren als extra pareltje op de monumentenlijst. Maar bij de bevrijding gaat de beltmolen van de familie Dieperink aan de Raalterweg in vlammen op, nadat de Duitsers de molen in brand hebben gestoken. Op 11 april wordt het dorp Wesepe bevrijd, en diezelfde dag ook het nabijgelegen Broekland. Dat gebeurt tijdens een verkenningstocht van de 17th Duke of Yorks Royal Canadian Hussars. Vanuit Raalte gaat een colonne van zeven legervoertuigen via Oude Deventerweg en Boerlestraat op verkenning richting Wijhe. Vooraan rijdt een Staghound-verkenningswagen, met luitenant Hugh Henry Anderson. Bij boerderij Van Dam tussen Boerhaar en Wijhe, bij het kruispunt van de toenmalige Koestraat en de Zandwetering, wordt de Staghound plotseling beschoten door twee Duitse soldaten met Panzerfaust-antitankwapens.

Dodelijk getroffen

Er ontstaat brand in het verkenningsvoertuig, munitie ontploft. Andersons hulpchauffeur en schutter, Clarence J. Mitchell, beschrijft het inferno in een ooggetuigeverslag, voor het derde deel van Wijhe voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog van amateur-historicus Jan Veerman: 'Ineens vloog m'n baret van m'n hoofd. Ik raapte hem toch maar op en drukte hem weer op het hoofd. Ik wilde altijd netjes gekleed zijn. Op de weg stond luitenant Anderson met z'n pistool te vuren op Duitsers in de ramen van het huis. Ik zag hoe het vlees van zijn linkerbovenbeen over zijn laars hing. Waarschijnlijk veroorzaakt door scherven van de Panzerfaust. Om het hoofd had hij nog een verband over de wond die hij op 7 april opgelopen had tijdens een actie aan de Schipbeek bij Bathmen. Ik schreeuwde hem toe daar weg te gaan, dat iedereen uit de wagen was. Op dat moment klonk een mitrailleursalvo. Ik hoorde een schreeuw en zag dat Anderson viel, dodelijk getroffen. Dit alles gebeurde in een minuut of twee. Onmiddellijk daarop brak het gevecht in volle hevigheid los. De andere carriers en gevechtswagens kwamen naar voren en openden het vuur op de boerderij. Het huis raakte in brand en explosies weerklonken. Uit ramen en deuren vlogen Duitsers naar buiten en van verschillende kanten vuurden ze terug. Hun vuur zorgde voor een geluid, alsof er een trein met honderd wagons over je heen ging in een fractie van een seconde... Na het gevecht keerden we naar Raalte terug, zonder Staghound maar ook zonder luitenant Anderson die staande op de weg ons gelegenheid had gegeven dekking te zoeken. Toen ik 's avonds mijn baret bekeek zag ik dat het embleem in 't midden was geraakt, een Duitse kogel was er op afgeketst. Ik begreep toen waarom op een gegeven moment m'n baret was afgevlogen!' De Koestraat bij Wijhe wordt na de bevrijding omgedoopt tot Lt. Andersonstraat.

Pas op 13 april worden Wijhe en Olst bevrijd.
De Royal Winnipeg Rifles arriveren op 12 april in het een dag eerder bevrijde Raalte, en bivakkeren in de bossen van landgoed 't Reelaer. Om de tijd te doden kerven ze hun initialen in enkele beuken op het tussen Raalte en Heino gelegen landgoed, en teksten als 'Canada april 1945'. De volgende dag trekken ze onder aanvoering van luitenant-kolonel L.R. Fulton via de Elshof naar Wijhe. De Duitse bezetters blijken Wijhe inmiddels te hebben verlaten, gelukkig maar want een dag eerder is hun aantal nog geschat op enkele honderden tot duizenden. Maar vanaf de overzijde van de IJssel vuren Duitse troepen nog wel drie dagen lang granaten af, gericht op Wijhe. Daarbij worden nog twee Wijhenaren gedood. Pas op 16 april blazen de 'moffen' ook daar de aftocht. Welsum, iets verder zuidwaarts langs de IJssel, kan net als Heerde pas op 17 april de bevrijding vieren.

Olst
De manschappen van de Canadian Scottish van de zevende Canadese Infanterie Brigade onder leiding van luitenant-kolonel L.S. Henderson rukken vanuit Wesepe op naar Olst. Bij de Boskamp staan ze op 12 april al tegenover de Duitsers, maar het mondt niet uit in een vuurgevecht. In de nacht van 12 op 13 april komt Leendert Immerzeel om het leven als hij als lid van de 'Knokploeg Olst' assistentie verleent aan een Canadese nachtpatrouille. Hij wordt samen met een Canadese soldaat gedood door Duitse kogels, nabij de Koekoeksbrug (die later zijn naam zal dragen) waar de Duitsers de weg hebben geblokkeerd. Een andere Olster verzetsstrijder, Jan Hoogland, wordt bij net zo'n verkenningspatrouille gevangen genomen door de Duitsers en de volgende dag geëxecuteerd bij de Olsterbrug in Heerde. Dat gebeurt om zeven uur 's ochtends, samen met elf verzetsstrijders uit Heerde en omstreken. Later die 13e april wordt Olst ingenomen, in de loop van de middag volgt ook Den Nul.
De volgende dag trekken de Canadian Scottish door richting Zwolle, dat op dat moment al is bevrijd door een solo-operatie in de nachtelijke uren van Leo Major. Heel Salland is daarmee vrij, na vijf jaar Duitse bezetting.
Overal wordt feest gevierd, zeker nadat Duitsland op 5 mei in Wageningen de capitulatie tekent. Maar op maandag 7 mei slaat de vreugde in Wijhe plotseling om in groot verdriet, na een ramp in de voormalige vloerzeilfabriek waar in beslag genomen wapens en munitie wordt opgeslagen. In deze fabriek aan de Enkweg ontstaat plotsklaps een explosie .

Paddestoel
'Ik zie die grote paddestoel nóg boven Wijhe. Eerst was er een harde dreun, direct daarna zag je die dikke wolk. Later die dag hoorden we dat er een grote explosie was geweest in de vloerzeilfabriek. Van de fabriek was niks meer over, huizen in de buurt waren zwaar beschadigd', zegt een ooggetuige, de toen 24-jarige Jacob Bijsterbosch.
Hij is boer aan de Kappeweg en is op het land bezig met poten en zaaien als hij rond kwart over vijf plotseling een eerste, heftige knal hoort. De ravage is enorm. Muren en het dak van de brandende fabriek zijn weggevaagd, overal liggen de brokstukken, regelmatig volgen nog kleinere explosies. Bij de ramp vallen negentien doden en tal van gewonden. 's Avonds zijn al veertien stoffelijke overschotten geborgen, in de daaropvolgende dagen worden nog twee vermiste personen dood tussen het puin aangetroffen. In het Sophiaziekenhuis in Zwolle overlijden nog drie zwaargewonden. Zeven van de negentien doden zijn lid van het Wijhese verzet, de andere doden zijn zes spelende kinderen, een vrouw die op bezoek was, en vijf verzetslieden van buiten Wijhe.
De uitvaartplechtigheden op woensdag 9 mei worden bijgewoond door meer dan duizend belangstellenden. Terwijl Nederland massaal de bevrijding viert, is Wijhe in diepe rouw.

In Het Wapen van Raalte, voor de Canadezen de 'Pick and Shovel-inn', treden bekende artiesten op als Bing Crosby, Bob Hope en The Andrew Sisters.
Volledig scherm
In Het Wapen van Raalte, voor de Canadezen de 'Pick and Shovel-inn', treden bekende artiesten op als Bing Crosby, Bob Hope en The Andrew Sisters. © collectie Richard Woolderink / www.raalte-clopedie.nl
Een Staghound op verkenning over de Wijheseweg bij Raalte. In zo'n pantserwagen reed luitenant Anderson richting Wijhe.
Volledig scherm
Een Staghound op verkenning over de Wijheseweg bij Raalte. In zo'n pantserwagen reed luitenant Anderson richting Wijhe. © foto's collectie Richard Woolderink / www.raalte-clopedie.nl