Volledig scherm
Wim Kok en Rita op een partijbijeenkomst in De Doelen in Rotterdam in 1989. © ANP

Een kijkje in het gesloten leven van oud-premier en familieman Wim Kok

BiografieGeen politicus of journalist kwam achter de voordeur van Wim en Rita Kok. Biograaf Marnix Krop ontsluit de streng bewaakte vesting in het eerste deel van een tweedelige biografie dat vandaag verschijnt.

Het is zijn thuisfront waardoor Wim Kok goed kan omgaan met de stress van het vakbondsvoorzitterschap, van het ministerschap van Financiën en van zijn latere premierschap. Rita en hun drie kinderen. Bal- en bordspel. Veel vissen, eindeloos vissen. Televisiekijken. En als tussen 19.00 en 20.00 uur de telefoon gaat, zegt Rita: ,,Hij is er niet, want hij is voetballen met André.''

Huize-Kok was een clan, concludeert biograaf Marnix Krop. ,,Een tamelijk gesloten familiekring, met weinig ooms, tantes, neven en nichten. Ook nauwelijks vrienden of goede kennissen.'' Rita en Wim houden de buitenwereld op afstand. Door de handicap van zoon André en Koks toenemende bekendheid.

Voor Wim Kok, een leven op eigen kracht, won biograaf Krop het vertrouwen van de familie Kok. Voor het eerste deel Voor zijn mensen, 1938-1994 voerde Krop, voormalig ambassadeur in Warschau en Berlijn, achttien gesprekken met Kok. De sociaal-democraat gaf zijn naam aan twee kabinetten. Vorig jaar oktober overleed hij op 80-jarige leeftijd tamelijk onverwachts aan de complicaties van een hartoperatie.

Drempel

Als vakbondsvoorzitter, fractievoorzitter, minister van Financiën en minister-president worstelt Kok met het licht van de publieke schijnwerpers. Rita Kok beschermt hun privéleven als een leeuwin. Politici die Kok na zijn premierschap willen opzoeken, komen niet over de drempel, maar worden naar het tuinhuisje geleid, waar hij ontvangt.

Vakbondsman Wim Kok en Margrietha Lummechiena (Rita) Roukema leren elkaar in 1963 kennen als Kok in de kost is bij de vader van Rita. Ze is 22 jaar oud als zij, gescheiden met twee kinderen, weer bij haar vader komt wonen. Daar ontluikt de liefde tussen de gesloten, zwaarmoedige en belangstellende Wim en Rita, die tegenwicht biedt met haar optimisme.

Het paar trouwt ruim een jaar later in Londen, omdat de Britse wet - anders dan de Nederlandse - geen barrières opwerpt voor een pas gescheiden vrouw die wil hertrouwen. Rita Kok - zelf uit een gebroken gezin - heeft twee kinderen uit haar eerste huwelijk, André en Carla, die de achternaam van Kok krijgen. Later krijgen ze samen nog een derde kind, Marcel.

Quote

Is jouw borreltje nu zoveel beter dan zijn stickie?

Zoon André is ernstig fysiek en verstandelijk beperkt, wat een zware wissel op het gezin trekt. André spreekt nauwelijks en heeft moeite zijn achternaam uit te spreken. Dat leidt ertoe dat ook de geëmancipeerde Rita de achternaam Kok overneemt: ,,Als André zo zijn best doet om te praten, dan moet jij ook maar zo groot zijn om te zeggen: ik heet ook Kok. Dag meisjesnaam.''

Papahap

Volledig scherm
Het eerste deel van de biografie wordt vandaag gepresenteerd in Amsterdam. © Prometheus

De afspraak om de opvoeding fifty-fifty te doen, lukt steeds minder naarmate Koks ster rijst. Hun reddingsboei blijkt de dagelijkse 'papahap' met aardappelen, groente en vlees. Daardoor is Kok er zo goed als altijd om met zijn kinderen te spreken en te spelen. Daarna werkt hij 's avonds nog.

De oase van familiegeluk is de jaarlijkse zomervakantie: dan rijden ze zingend in de Ford Sierra naar Engeland of Frankrijk. Het hele gezin plooit zich om de blijmoedige, gehandicapte zoon. Elke zondag gaat Wim Kok met André naar Artis, het liefst naar de chimpansees. Als hij wat ouder is, komt hij in een instelling en is eens in de twee weken een weekend thuis.

Kok maakt zich zorgen om zoon Marcel, die zich als puber in de punkscene beweegt. Hij blowt weleens. Dan houdt Rita haar man een spiegel voor: ,,Is jouw borreltje nu zoveel beter dan zijn stickie?”

In 1984 wordt Kok tijdens zijn vakantie geveld door een enorme hoofdpijn. Dit was niet zijn normale 'eersteweekshoofdpijn' van een zomervakantie. Na twee dagen intense pijn rijdt Kok vanaf de camping in Zuid-Frankrijk terug: 'roekeloos' schrijft Krop. Het blijkt hersenvliesontsteking. Kok mag een half jaar niets doen en moet thuisblijven. Hij strijkt er de was en helpt Rita met weven op het grote weefgetouw. De neuroloog zegt tegen de eenmaal genezen Kok, dat hij 50 procent kans op overlijden had en 25 procent op blijvend letsel.

Op zijn rug

Kok wint de verkiezingen als hij na lang aarzelen in de verkiezingscampagne van 1994 zichzelf als mens meer laat zien. Zijn campagneteam hamert erop en Kok moet er verschrikkelijk aan wennen. Het werkt: de PvdA wordt de grootste partij door minder te verliezen dan het CDA.

Als Kok in 1994 premier wordt, tekent hij de overdracht met de vertrekkende Ruud Lubbers. Dan gaat Kok op de vloerbedekking van het Torentje liggen. Op zijn rug. Twee jaar later haalt Kok het gezin met aanhang naar het Catshuis, de ambtswoning van de premier. Daar verblijven ze een weekend en eten en drinken er. Krop: ,,Werk was een verboden gespreksonderwerp. Vooral spelletjes met elkaar doen.''