Volledig scherm
Herman Veerbeek: de héle Sprengenberg is mooi. foto Gerard Vrakking

Rust en weldaad op de Sprengenberg

Wat is de mooiste plek van Salland? De redactie heeft twaalf plekken geselecteerd en belicht die deze zomer in een reeks verhalen. Vanaf half augustus kunt u stemmen op een van die plekken. Vandaag: de Sprengenberg bij Haarle.

Herman Veerbeek kan niet kiezen. De mooiste plek van de Sprengenberg... Je ziet hem denken maar hij komt er niet uit. De héle Sprengenberg is mooi. Dat zit hem in de variatie van het landschap, in de bijzondere planten die er leven, het zit hem in de graanvelden, die blauw staan van de korenbloemen, de schaapskooi, de bijenstal. Het zit hem in de geschiedenis. In de anekdotes die hij kent en zo oplepelt.


Palthe
Veerbeek was bijna een kwart eeuw beheerder annex boswachter van de dertig meter hoge Sprengenberg, namens Natuurmonumenten. Natuurmonumenten is samen met de stichting Huis Bergh eigenaar van de Sprengenberg, die ruim 900 hectare natuur herbergt. En ook al werkt hij inmiddels een jaar of vier op de Veluwe, nog elke dag geniet hij van de afwisseling van de Sprengenberg. Hij woont er. Als hij zijn voordeur uitstapt, kijkt hij rechts tegen de Palthetoren aan, het bouwwerk dat de omgeving domineert en dat onderdeel uitmaakt van het landhuis dat de Twentse industrieel Van Wulfften Palthe in de eerste jaren van de vorige eeuw liet bouwen.

Recht voor hem, richting het zuiden, kijkt hij uit op het 'vliegveld', een indrukwekkend stuk heide waarop de stichter van het landgoed landingsrechten verkreeg. We spreken dan over de jaren dat de eerste vliegtuigjes het luchtruim kozen, zo rond 1920. Er bestaan foto's waarop de familie Palthe poseert rondom zo'n vliegtuigje. De industrieel Palthe, groot geworden met de stoomreiniger, was gek op technologische vernieuwingen. Hij was ook een van de eersten in Nederland met een auto.


Diepe hel
Maar goed, die anekdotes zijn niet zichtbaar voor de toevallige passant. Wel zichtbaar is de natuur, de wijdsheid van het glooiende gebied. Voelbaar is de rust, hoorbaar de stilte. In een rondwandeling van drie uur toont Veerbeek een fractie van het enorme terrein. Die wandeling voerde niet naar de Diepe Hel, het smeltwaterdal dat ontstond tijdens de laatste ijstijd. Ook niet beklommen: de Oasekop en de Wolfsslenke met zijn veenbies, net ten westen van de Grote Koningsbelt, met 75 meter het hoogste punt van de Sallandse Heuvelrug.

,,Vanaf de Oasekop - zestig meter hoog - kun je bij helder weer tot aan Zutphen zien. Daar heb je een schitterend uitzicht over Salland, met Deventer en Zwolle'', zegt Veerbeek. We genieten van een heerlijke, door zijn vrouw gebakken Haarler kruidkoek. Die ligt samen met koffie en thee op het zelfbedieningsterras bij het rustpunt aan de voet van het 'vliegveld'. Dan beginnen we de wandeling, door de heide van het Vliegveld, waar zandhagedissen de bosjes inschieten en bijen van zich af steken. Naar de spreng, aan de voet van de berg en de plek waaraan de berg zijn naam dankt. ,,Een heel kwetsbaar gebied, met bijzondere hoogveenmossen en zeldzame vlinders als de aardbeivlinder en de zilveren maan. Die zijn zeldzaam geworden door het verdwijnen van veen en dan is het uniek dat ze zich op zo'n klein gebiedje als dit hebben kunnen handhaven.''

De wandeling voert langs de vleermuizenkelder, waar elke winter zo'n vijfentwintig vleermuizen verblijven. En langs het Hans & Grietje-achtige badhuisje dat de familie Palthe liet neerzetten bij een plasje dat in de volksmond het heksenhuisje werd genoemd. Het is inmiddels een monument. Daarnaast het rododendronparkje, een publiekstrekker van jewelste in het voorjaar - als de planten en de azalea's er volop bloeien.

Dan steken we dwars over, door de heide. De route loopt langs jeneverbessen, via de leemputten en de zes met gras bedekte grafheuvels die als archeologische monumenten door het leven gaan. Ze dateren van twee- tot vijfduizend jaar voor Christus en werden ooit ontdekt omdat gravende konijnen botjes blootlegden.

Raaf
Veerbeek vertelt ondertussen dat op de Sprengenberg in 1991 de eerste broedende raaf van Overijssel werd aangetroffen - een in Nederland uitgestorven vogel die het na herintroductie nog altijd moeilijk heeft. En dat de Sprengenberg een van de eerste gebieden in Nederland was waar de das terugkwam. ,,Daar ben je als natuurbeheerder natuurlijk trots op'', aldus Veerbeek. De komst van die dassen viel samen met de komst van de Schotse Hooglanders, in 1989. Hun mest lokte de mestkever en daar is de das dol op.

Die Hooglanders lopen nog altijd in het gebied rond. In een stuk bos achter het Vanderlandenbos, dat al in 1850 bos was en daarmee een van de eerste bossen van de Sallandse Heuvelrug, treffen we ze aan. Indrukwekkend. Op weg er naartoe schrikken we een reekalfje op. De wandeling eindigt bij de Van Heekweg, genoemd naar die andere rijke industriële familie die gronden kocht op de Sprengenberg en die aan de Palthes geparenteerd raakte.

Daar, aan de voet van de Sprengenberg, kijken we omhoog. Heide, gras, de beukenlaan en in het midden, trots en met de korhaan als windvaan op de top, de Palthetoren. Een schitterende plek.

Salland