Volledig scherm
Selena Cicek en Frederic Bedou starten volgende week namens karateschool Smaal bij het EK voor junioren in Aalborg. © Kevin Hagens

'In de dojo krijg ik vanzelf energie'

KARATESelena Cicek en Frederic Bedou maken volgende week hun opwachting bij het jeugd-EK karate. Twee deelnemers van één school op de hoofddisciplines, dat is een unicum.

Het is een gemêleerd gezelschap dat deze avond de tatami bevolkt van de karateschool van Jaap Smaal. Oud en jong, man en vrouw en beoefenaars van verschillende disciplines, iedereen traint gelijktijdig. Zoals altijd opent Smaal de avond met een woord tot zijn pupillen. Daarbij brengt hij Selena Cicek (15 jaar) en Frederic Bedou (14) extra voor het voetlicht. De club is trots op de EK-gangers en laat dat deze keer nog eens merken.

Voor Cicek is het familiare karakter van de school, kenmerkend voor de sport, een belangrijk aspect. ,,Je merkt dat ze het leuk vinden en het je gunnen. Die steun is fijn."

Cicek doet op het EK in Aalborg mee op het onderdeel kata: de deelnemers voeren via ingestudeerde stijloefeningen een schijngevecht.

Visualiseren

De uitvoering wordt beoordeeld op techniek, snelheid en kracht. Het is belangrijk daarbij daadwerkelijk een gevecht te visualiseren. ,,Anders loop je alleen een vormpje en kun je nooit het uiterste eruit halen."

Bedou doet mee op het onderdeel kumite. Met zijn 14 jaar is hij één van de jongere deelnemers. Kumite betekent 'sparren' en is een tweegevecht waarbij je een tegenstander op punten moet proberen te verslaan. Kracht, snelheid en techniek zijn hierbij ook belangrijk. Net als concentratie. ,,Als je een foutje maakt, kan dat meteen beslissend zijn. Maar andersom kun je met nog twintig seconden een grote achterstand ook nog goedmaken."

Voor Cicek is het haar tweede EK. Vorig seizoen deed ze met een team mee, nu individueel. Ze weet wat ze kan verwachten. ,,Het is heel anders dan andere wedstrijden. De druk is groter, de aandacht is veel heftiger."

Koel en stabiel

Bedou maakt zijn debuut, maar hij is voor een jongen van 14 rustig en ogenschijnlijk koel en stabiel. ,,Nee, we hebben het eigenlijk nog niet veel over het EK gehad met elkaar. Ik ga proberen zo ver mogelijk te komen. Maar het is lastig in te schatten, want de meeste tegenstanders ken ik niet."

Cicek wil in ieder geval de eerste fase van het toernooi overleven. ,,Ik moet meteen knallen. Als dat lukt, heb ik genoeg zelfvertrouwen en zie ik wel hoe ver ik kom."

Liefde voor de sport

Om te komen op het niveau waar ze nu zijn, moeten Cicek en Bedou er veel voor doen en laten. De liefde voor de sport maakt dat ze daarmee geen moeite hebben. Bedou kreeg karate met de paplepel ingegoten. ,,Mijn vader deed vanavond ook mee", wijst hij naar de bank aan de overkant. ,,Vechten is altijd al iets voor mij geweest. Als ik heb gespeeld, voel ik me altijd beter."

Voor Cicek is karate een bron van levenslust: ,,Soms ben ik moe als ik de hele dag naar school ben geweest. Maar als ik dan hier de dojo (zaal) binnenstap, krijg ik vanzelf weer energie."